Gedichten
Antwoord
Waarom vallen de blaadjes van de bomen
terwijl het uitzicht vanaf boven
zoveel mooier is dan hier?
- Roy
Ben ik alles voor je?
Of is alles niet-bestaand
Omdat wanneer je alles bent
Er verder niets meer is?
Ben ik de enige voor jou?
Ofschoon dat woord misleidend is
Omdat er veel meer levens zijn
En iedereen van iemand houdt?
Maar hou jij evenveel van mij?
Of kan ik van evenveel niet spreken
Omdat ik, ondanks dat ik de jouwe ben,
Niet kan voelen wat jij voelt?
Ken ik je van buiten?
Of is dat eigenlijk onmogelijk
Omdat ik in je hartje woon
En daarom slechts binnen ben?
Waarom ben je nog bij me
Nu je al mijn vragen kent?
- op waarom bestaat geen antwoord,
Want omdat liegt nimmer niet.
Overleef ik zonder jou?
God; Ik wil het niet eens weten
Want een antwoord is beginnen
Aan steeds meer, en meer, en meer.
Vergeet-mij-nietje
Op jouw lippen rust de lente;
Zoet en onschuldig als de bloesem
En de vlinders in mijn hart
Op je huid verblijft de zomer;
Zinderend warm als verre oorden
Uit duizend en één nacht
In jouw ogen schuilt de herfst;
Goud en bruin met koele wind.
Storm verbreidend als je lacht.
Doch nergens vind ik winter
Omdat zij niet existeert
In een wereld vol van licht;
Omdat jouw warmte haar verwoest;
Omdat liefde nimmer eindig is;
Haar deuren gaan nooit dicht
Ons einde zal nooit komen
Omdat wij hier vereeuwigd zijn;
In dit eindeloos gedicht.
Centrum van Miserie
Haar laatste jaren trokken als
een waas aan haar voorbij.
Het leven, zo gemeen en vals,
betekende niets meer; zo vond zij.
Ze werd uniek geboren maar
ze stierf als een kopie.
Stil verdriet, een hart zo zwaar -
dat is wat ik nu pas zie.
Ze wilde dat ik luisterde,
luisteren, voor eeuwen.
Ik hoorde haar als ze fluisterde,
waarom hoorde ik haar niet schreeuwen?
Ze werd geliefd, ze werd veracht,
sommigen vonden haar een rare,
tot ze na jaren, in een nacht
al haar angst liet varen.
En toen was ze er niet meer.
Niemand mist haar, niemand voelt het,
maar mij doet het nog zeer.
Hartenkoning
Je bent kleiner dan het leven maar
meer dan ik ooit bezat
en als ik nu nog iets mocht wensen dan
zou ik niet weten wat.
Duizend hartjes kunnen niet zeggen
wat ik voel als ik je zie.
Het is complexer dan de wereld;
jij bent pure poëzie
waarvan de woorden zo belangrijk zijn
doch zo ongrijpbaar in de nacht.
Jij kunt schrijven zonder woorden
op een melodie wiens pracht
alle weemoed laat vervagen,
en alle stille pijn.
En ik besef me keer op keer dat dit
er immer al moest zijn.
Je bent groter dan mijn leven
en meer dan ik ooit bezat.
Je bent meer dan ik verdiend heb,
en toch ook alles dat ik nodig had.
Alles is veel voor wie niet veel verwacht
Soms kan ik huilen van mijn liefde,
Omdat alles veel te veel is;
Zelfs het kloppen van jouw hart
Waarvan je zei dat het voor mij was
Omdat ik bang ben te verliezen
Waar ik al jarenlang van droom.
Hou me vast,
Bescherm me,
Laat me niet meer los
Soms kan ik schreeuwen van jouw liefde
Omdat alles veel te veel is;
Zelfs het leven dat je leeft
Waarvan je zei dat het voor mij was
Omdat je alles bent dat ik me wens,
Wat ik al jarenlang verlang.
Untitled.
Ik zie onze liefde groeien
als een boom in volle glorie
met haar voeten diep verborgen
in de aarde van jouw hart.
En haar armen reiken hoger,
naar het zonlicht dat zo kil is
naast de warmte van jouw lach.
Haar bladerdak is zacht
(maar niet zoals jouw lippen)
om ons te vangen als we vallen – ha,
alsof dat ooit gebeurt.
Tijdloos
Hitte doorklieft zinderend
de tijd die snel voorbij raast
als de wereld om ons heen.
Maar ik wil nog niet naar huis.
Herfst
De zilte mist verguld
als een gestorven elfendroom
belet mij ieder zicht.
Onderweg naar nergens
dans ik tussen stormen
van oranje, goud en licht.
De wind verdrijft mijn wens
en laat me eenzaam in de kou.
De bomen laten hun bladeren los
zoals ik moet doen met jou.
Lente
De winter danst haar laatste wals
ontgoochelend voorbij.
Vlieg op de wind en ik ben als
de zonnestralen vrij.
Echo
Gevangen in de wereld
van haar hart met slechts de wens
zich te verliezen in de tijd.
Een vrijheid zonder uitgang,
in de kamer van haar droom,
cirkels lopend zonder eind.
Tastend naar haar vrijheid
om haar utopie te leven,
door haar wil verblind
Schreeuwend tegen wanden maar
de echo doodt haar hoop.
Niemand hoort een vergeten kind.
Een plaats
Is er ook een plek voor wie
er niet meer kon, of niet meer wilde?
Is er ook een plaats voor haar
die zweeg en nooit geheimen deelde?
Is er ook een plek voor wie
er veel gebloed heeft door veel wonden?
Is er een warm bed voor wie
er niet kon leven met zijn zonde?
Is er ook een plek voor wie
er zo kapot ging door de stilte?
Is er ook een nest voor wie
er vluchtte uit de kilte?
En is er ook een plek voor
haar die kraste in haar huid,
die verblind werd door problemen
en ze kwam er niet meer uit?
Voor het kind dat niet te eten had
en dat moest doden voor de kost?
Voor wie heeft moeten lijden en
zichzelf dan maar verlost?
Is er nog een plek voor mij
en wie ik liefheb bovendien
voor mijn vrienden en familie
zodat ik die ooit weer kan zien?
Ik ben er
Je mag best huilen;
ik zal er zijn
om gezamenlijk te rouwen.
Je mag best vluchten;
ik sta je bij
en zal jouw vleugels vouwen.
Je mag best bang zijn;
dan ben ik er
om jouw hand vast te houden.
Je mag best vallen;
ik vang je op.
Op mij kun je vertrouwen.
Redding
Wachtend op niets met mijn lichaam gebroken en
mijn hart in stukken, de leegte zo groot.
De wind dooft de vlam van mijn angst en de diepte
nodigt me uit voor een dans in de dood.
Je komt met de morgen en brengt me illusies,
omhelst warm mijn hart en danst zacht op mijn huid.
Je verjaagt mijn verdriet en met al je warmte
pak je mijn hand. Je brengt me naar huis.
Vluchten
Met je haar in de wind
en je blik op oneindig,
je hart zwaar van angst
en jouw hand in de mijne
kijk jij naar de plaats
waar het zonlicht het land kust.
De harmonie speelt
een belofte van rust en
je adem maakt mist
die verdwijnt wanneer wij
besluiten te lopen,
de horizon voorbij.
Je geniet van de stilte,
van de vogels die zweven
en vluchten zoals jij
dat wil doen voor het leven.
Een traan valt kapot
als jouw hart en je dromen.
Je verdriet doet me zeer.
We moeten ontkomen
aan pijn en destructie,
naar wolkloze luchten.
Het was onze keuze
om samen te vluchten.
Je leeft
Je lach beweegt
de toppen van
de zongekuste bomen.
Je haren vangen
druppels van
oneindeloze rust.
Je danst en leeft
het diepste van
je onbezorgde dromen.
De regen heeft
samen met jou
mijn zorgen weg gekust.
Zomer
De bladeren zingen het lied van de stilte,
gemengd met de klanken van zomerse dauw.
De symfonie redt ons hart reeds uit de kilte,
laat ons baden in licht uit de hemel zo blauw.
Puzzel
Elk moment samen,
eender groots of juist heel klein,
was alsof het altijd zo geweest was,
alsof het altijd zo moest zijn,
alsof het lot ons ooit bijeenbracht
in het doolhof van de tijd.
En ook al zijn we niet vaak samen,
we zijn samen voor altijd.
Van de momenten die we deelden
is er niets dat ik vergeet.
We zijn verbonden voor het leven,
als een puzzel zo compleet.