Deel 1
Bills voetstappen weerklonken door de lege straten van de stad. Uit het gebouw dat hij zojuist achter zich had gelaten, kwamen de bonkende basklanken van harde muziek, welke zich vermengden met het ritme van zijn stappen. De aardse geluiden stonden bijna tegenovergesteld aan hoe hij zich voelde: zweverig, onwerkelijk, als in een droom. Hij wist dat het voor een deel door de alcohol kwam, maar voor de meerderheid kwam het nog wel door de adrenaline, welke zijn bonzende hart in een razend tempo door zijn aderen pompte.
Met zijn gedachten nog bij de afterparty liep hij in de richting van het hotel. Hij wist dat David hem zou vermoorden als die zou weten dat Bill ’s nachts in zijn eentje door Berlijn liep, maar op dat moment interesseerde hem dat niet. Het enige waar hij aan kon denken, was het feit dat de band een Echo gewonnen had. Opnieuw. Hij kon het nog altijd niet bevatten. Na het jaar daarvoor twee Echo’s gewonnen te hebben, had hij nooit durven dromen dat het hen nóg een keer zou lukken. De wetenschap dat de fans nog altijd achter hen stonden, had hem min of meer gerust gesteld. Hij was moe, maar voldaan.
Toen er een frisse wind opstak, zette hij de kraag van zijn jasje wat verder overeind, zodat zijn keel in ieder geval beschermd werd tegen de kou. David zou hem niet alleen vermoorden als hij wist dat hij zichzelf onnodig in gevaar bracht, maar ook als hij de volgende dag niet zou kunnen zingen omdat hij verkouden was. Normaal gesproken ging Bill niet zo laks met zijn stem om, maar op dat moment had hij even de behoefte om alleen te zijn. Na urenlang vertoeven in een zaal waar iedereen noodgedwongen tegen elkaar aangedrukt stond, stikkend door de sigarettenrook en half doof door de denderende muziek, wilde hij een kort moment voor zichzelf.
Hij haalde diep adem en voelde hoe daarmee de onrust min of meer uit zijn hoofd verdween. Met iedere stap die hij zette, werd hij rustiger. De geluiden die hem al die tijd omringd hadden, bleven achter hem terwijl hij verder de duisternis in liep. De stilte suisde in zijn oren. Het was wonderbaarlijk hoe gewenst die stilte hem opeens verpletterde. Het was net alsof hij plotseling alleen op de wereld was, wandelend tussen de décorstukken van het toneel van de wereld. Hij voelde de perfectie van de eenzaamheid; maar natuurlijk was dat een leugen. Met de wind ben je immers nooit alleen.
Toen het hotel opdoemde vanuit het donker, had hij het gevoel dat hij thuiskwam, ook al was hij er nog nooit geweest. Waarschijnlijk was het precies zoals al die andere hotels waarin hij ooit had overnacht. Ook in dit hotel zou Georg met een kater flirten met alle schoonmaaksters. Ook in dit hotel zou Gustav ruzie maken met David omdat hij de vorige avond zogenaamd niet goed genoeg op Georg gelet had. Ook in dit hotel zou Tom de nacht doorbrengen met een meisje waarvan hij alleen de cupmaat kende. In zijn ogen was ieder hotel precies hetzelfde.
Bill had geen idee dat deze avond alle verschil van de wereld zou maken.
Zodra hij de verwelkomende warmte van het hotel in stapte, voelde hij hoe moe hij eigenlijk was. Het optreden, de gillende fans, het dansen, de gesprekken met bekenden en de alcohol; het had hem volledig uitgeput. Plotseling wilde hij niets anders dan in zijn bed kruipen en de wereld achter zich laten. Zonder nog aandacht te besteden aan wat er om hem heen gebeurde, liep hij verder naar de lift, de zinderende en kunstmatige warmte doorklievend met zijn tengere lichaam.
Eenmaal in de lift zocht hij naar de sleutel die David hem al eerder die dag gegeven had. Hij controleerde het nummer op de plastic sleutelhanger en drukte daarna op het bijbehorende knopje in de aluminium wand. De deuren gleden dicht achter hem en sloten hem zo voor een kort moment af van alles wat hem na leek te jagen. Op het moment dat de lift begon te zoemen, liet hij zich tegen de wand vallen en sloot hij met een vermoeide zucht zijn ogen. Hij wreef met zijn slanke hand over zijn gefronste voorhoofd. Plotseling voelde hij zich ontzettend draaierig en instabiel; hij had het gevoel dat hij in elkaar zou zakken wanneer hij weer zou proberen op eigen benen te staan. Hij had met zekerheid niet teveel gedronken, maar toch had hij door zijn vermoeidheid opeens het gevoel dat dat wel zo was.
Op dat moment herinnerde hij zich dat hij zijn broer nog moest laten weten waar hij uithing. Hij had geprobeerd hem te vinden in de gigantische zaal, maar dat was onbegonnen werk geweest. Na drie doelloze rondjes gelopen hebben, uitkijkend naar een hoofd met een pet en dreads, had hij opgegeven en was hij weggegaan, na Georg gezegd te hebben dat hij er vandoor ging. Waarschijnlijk was hij druk in gesprek geweest met een blond meisje – of misschien had hij haar zelfs het toilet in weten te lokken. Bill kende zijn broer; wanneer zijn jagersoog iets registreerde, moest het direct gevangen worden.
Het was op het moment dat Bill naar zijn telefoon graaide dat hij een papiertje in zijn broekzak voelde.
Verbaasd keek hij op. Hij kon zich niet herinneren dat hij iets anders dan een oogpotlood en zijn telefoon had meegenomen naar het feest; noch dat hij meer dan dat mee terug had gebracht. Met een frons in zijn voorhoofd haalde hij het verfrommelde papiertje uit zijn broekzak en ontvouwde hij het. Er stonden slechts twee woorden op.
‘Kamer 275’
Bills fronsrimpel verdiepte zich toen hij het korte zinnetje las. Het handschrift was kriebelig en slordig, duidelijk met haast geschreven; het kwam hem niet bekend voor. Hij vroeg zich af wie er in Godsnaam een papiertje met een kamernummer in zijn broekzak zou stoppen – en wie er in Godsnaam zo dichtbij hem geweest was dat diegene daar de kans toe had gekregen. Hij spitte zijn gedachten door, zich proberend te herinneren met wie hij die avond allemaal gesproken had, maar hij had werkelijk geen idee. Het kon net zo goed iemand zijn die dicht bij hem had gedanst, of iemand die achter hem in de rij had gestaan toen hij een drankje besteld had. Het zou iedereen kunnen zijn.
Hij schrok op uit zijn peinzen toen de lift stilstond en de deuren met een zoemend geluid openschoven. Een moment stond hij als bevroren, in twijfel. Hij was moe en wilde graag slapen, maar aan de andere kant wilde hij weten wie hem zo graag wilde zien; er was maar één manier om daar achter te komen. Zijn aangeboren nieuwsgierigheid stond op dat moment lijnrecht tegenover zijn gezonde verstand; hij was moe en wist dat hij moest gaan slapen als hij er de volgende dag nog een beetje fatsoenlijk uit wilde zien. Hij wist echter ook dat hij niet zo kúnnen slapen wanneer hij geen zekerheid had wat betreft de auteur van het briefje. Dat deed hem de knoop doorhakken.
Hij drukte op het knopje van de negende verdieping en keek toe hoe de zilverkleurige deuren dichtschoven. Plotseling viel het hem op hoe stil de gangen waren, hoe uitgestorven het hotel leek en hoe gemakkelijk het was om spoorloos te verdwijnen in een gebouw zo groot als dit. David zou hem vermoorden wanneer hij zou weten in wat voor risico Bill op dat moment nam. Feit was echter dat hij er niets van wist en wat niet weet, deert ook niet.
Toen de liftdeuren open gleden, stapte Bill de lange, donkere hal in. Het viel hem opnieuw op hoe uitgestorven het hotel leek te zijn; ook hier. Er zinderde iets onheilspellends in de dikke lucht, maar dat weerhield hem er niet van verder te lopen, de veiligheid achter zich latend. Hij had geen idee wat hij tegemoet liep, had geen idee hoe roekeloos hij bezig was. Het enige dat hij voelde, was de sensatie van het onbekende – het verbodene. Hij was nog jong; het was een automatisme geworden juist dát te doen wat David hem verbood.
Bill telde de nummers op de deuren. Met iedere stap die hij dichter in de buurt van kamer 275 zette, voelde hij hoe de spanning in zijn borst groeide. Het was stil in de gang, uitgestorven, ver weg van daar waar men hem zou kunnen horen wanneer hij om hulp zou schreeuwen. Bill signaleerde dit gevaar, maar dacht er niet verder over na. Hij had nog altijd datzelfde gevoel als vroeger, wanneer hij samen met zijn broer opgekruld in bed lag; dat hij beschermd werd, onaantastbaar was.
Hij had geen idee dat hij zich in het hol van de leeuw begaf.
Hij hield zijn pas in toen hij bij de juiste kamer aanbeland was. De stilte drukte zwaar op zijn trommelvliezen. Een kort moment aarzelde hij, wetend wat voor risico hij nam. Daarna hief hij zijn gemanicuurde hand op en klopte hij driemaal op de deur. Het geluid dat dat teweeg bracht, klonk hol door de hoge ruimte – onaards, bijna. Nog één keer twijfelde hij of het niet beter zou zijn om weg te rennen, maar zijn nieuwsgierigheid dwong hem ertoe te blijven staan.
Op het moment dat de deur geopend werd, wist Bill instinctief dat hij de verkeerde keuze gemaakt had. Hij was echter al te laat. Voordat hij het zich eenmaal volledig kon beseffen, werd hij door een sterke hand naar binnen getrokken en met een verwoestende kracht tegen de reeds gesloten deur gedrukt, waardoor alle lucht uit zijn longen geperst werd. Bill wist niet wat hem overkwam. Het ging te snel om het te kunnen bevatten. Hij werd verpletterd door een lichaam dat hem verhinderde weg te rennen, maar desondanks de adrenaline in zijn bloed vrijmaakte. Met alle kracht die hij bezat probeerde hij te vluchten. De persoon die hem vasthield, was echter vele malen sterker dan hij. Al gauw werd het hem duidelijk dat er voor hem geen kans van ontsnappen bestond.
De tranen van paniek sprongen in zijn opgemaakte ogen toen hij voelde hoe er een hard, koud voorwerp in zijn hals gedrukt werd.
Een pistool.
Hij hield zich stil vanaf het moment dat hij zich besefte dat hij in levensgevaar verkeerde. Hij stopte met tegenstribbelen en probeerde zijn groeiende paniek te onderdrukken. De druk die de persoon achter hem op Bills tengere lichaam uitoefende, maakte het hem moeilijk adem te kunnen halen. Een onbeschrijflijke angst vloeide door hem heen; een koude rilling kroop over zijn ruggengraat en creëerde zo kippenvel op zijn armen. Met zijn ogen gesloten probeerde hij zijn gierende ademhaling onder controle te krijgen, waardoor de greep van de persoon achter hem uiteindelijk een beetje verslapte. De loop van het pistool was echter nog altijd op zijn hoofd gericht, dat voelde hij. Hij durfde niet te vluchten.
“Goed zo,” fluisterde een donkere stem in zijn oor. Bill rook een verstikkend mengsel van tabak en een sterke aftershave. “Ik wist wel dat je zou komen.”
Plotseling wist Bill precies wie hij achter zich had staan. Zijn herinnering nam hem terug naar een moment vlak na het optreden, toen zijn belager naar hem toegekomen was om hem te zeggen dat ze het zo goed gedaan hadden. Daarbij hadden ze vanwege het gekrijs van de fans zo dicht bij elkaar moeten gaan staan dat het makkelijk geweest moest zijn dat briefje in zijn broekzak te schuiven. Bill herinnerde zich de blik die hij toegeworpen had gekregen, de glimp van verlangen die hem de stuipen op het lijf gejaagd had. Opnieuw rilde hij.
Bushido.
“Rustig maar,” zei de rapper, zijn lippen net zoals na het optreden niet meer dan een centimeter van Bills oorschelp verwijderd. Zijn adem danste over zijn huid. “Als je precies doet wat ik je zeg, doe ik je niets.”
Een traan van schaamte ontsnapte aan Bills oog en druppelde eenzaam over zijn wang naar beneden. Hij kon niet begrijpen hoe hij in godsnaam zo gemakkelijk in de val had kunnen lopen. De angst die hem op dat moment overspoelde, doordrenkte zijn wezen, maar hij wist dat hij helder moest blijven nadenken en het hoofd koel moest houden. Als hij in paniek zou raken, zou hij er waarschijnlijk enkel slechter vanaf komen.
“Zul je precies doen wat ik je zeg?”
De revolver voelde verkoelend aan op de warme huid van Bills nek. Hij dwong zichzelf ertoe kalm te worden, helder na te denken en niet in de stress te schieten. Gezien de omstandigheden was dat echter nogal lastig. Hij wist dat het zinloos zou zijn om te vechten (de rapper was immers veel sterker dan hij), maar hij had geen idee wat Bushido hem zou laten doen wanneer hij zou toestemmen. Hij zag echter geen andere uitweg. Het was toegeven of sterven.
Hij knikte.
“Goed zo.”
Bill sloot doodsbang zijn ogen toen hij het slot in de deur hoorde klikken, wetend dat Bushido hen zojuist opgesloten had. Er raasde een wervelstorm in zijn hoofd die de verschillende gedachten die hij had als dorre bladeren liet opwaaien. Hij zou kunnen vragen of hij het toilet mocht gebruiken en zijn broer van daaruit sms’en. Hij zou kunnen proberen Bushido’s schedel in te slaan met iets willekeurigs dat hij binnen handbereik had. Hij zou kunnen proberen bij het raam te komen en via de regenpijp te ontsnappen, met het risico dat hij te haastig zou zijn en de diepte in zou storten. Het ene idee was nog absurder dan het ander.
De pijnlijke greep om Bills polsen verslapte nogmaals en verdween uiteindelijk. Het koele metaal van het pistool verliet zijn hals. Hij trilde van top tot teen, als een herfstblad in de kille wind. Plotseling, met het verdwijnen van die wezenlijke dreiging, voelde hij pas hoe bang hij eigenlijk was. Hij was opgelucht om het feit dat hij was losgelaten, maar gerustgesteld was hij niet; integendeel. De indirecte dreiging werd alleen maar groter.
Naar de deur gekeerd bleef hij wachten tot het lot hem zou overvallen. Op dat moment wist Bill zeker dat hij zou sterven, dat Bushido hem door zijn hoofd zou schieten. Alles om hem heen gonsde door het naderende onheil. Nog nooit in zijn gehele leven was hij zo verschrikkelijk bang geweest.
“Draai je om.”
Bill slikte zijn tranen weg en probeerde zich ondanks alles te vermannen. Hij wilde niet in doodsangst sterven. Trillerig haalde hij diep adem, in een wanhopige poging zichzelf te kalmeren. Bijtend op zijn onderlip om te voorkomen dat hij zou snikken, opende hij zijn ogen en draaide hij zich om, ijskoud van binnen.
Bushido liet zijn blik over Bills lichaam dwalen en voelde zijn verlangen groeien. Hij had er al zo lang op gewacht Bill binnen handbereik te hebben dat dit moment hem als een droom voorkwam. Hij likte over zijn lippen bij het zien van Bills trillende handen, het stukje naakte huid boven de rand van zijn broek, zijn volle en vochtige lippen. Hij had iets puurs over zich, iets reins waarvan Bushido niet kon wachten het van hem te af te nemen. De onschuld brandde in Bills donkerbruine ogen. Het gaf hem iets onweerstaanbaars, iets waardoor Bushido al zijn wilskracht nodig had om hem niet direct te overmeesteren. Hij wist zich echter in te houden. Bill stond te trillen op zijn benen. Hij wist dat wanneer hij té snel zou gaan, het niet zo zou worden als hij voor ogen had.
Bill voelde de paniek in zijn borstholte opzwellen toen hij erachter kwam dat zijn metgezel geen T-shirt droeg. De begerige blik in Bushido’s ogen joeg hem angst aan. De deurklink die prikte in zijn rug, voelde als een vluchtweg, maar hij wist dat hij gevangen zat. Met iedere seconde die verstreek, voelde hij zich kleiner worden onder Bushido’s brandende blik. Het op hem gerichte pistool leek hem aan te staren; het leek alsof hij de dood in de ogen keek. Hij voelde zich als een vlinder zo broos.
Zijn onmacht groeide naarmate hij zich besefte dat hij niet zou kunnen ontsnappen. De deur zat op slot en zijn gijzelaar was in het bezit van een wapen. Bovendien was één blik op zijn gespierde armen genoeg om te weten dat Bill nooit zijn weg naar buiten zou kunnen vechten. Een nieuwe traan verliet zijn ogen toen hij zich realiseerde dat hij in de val gelopen was. Nu was er geen weg meer terug.
Bushido reikte naar beneden, naar de knopen van zijn laatste kledingstuk, zonder het oogcontact met Bill te verbreken. Hij registreerde de geschoktheid op het bleke gezicht van de onervaren jongen en glimlachte scheef. Bill werd steeds meer onweerstaanbaar naarmate hij weerlozer werd. Bushido verlangde naar hem. Hij moest in Bill zijn, en wel nu. In een snelle beweging ontdeed hij zich tegelijkertijd van zijn spijkerbroek en zijn boxershorts. Het pistool hield hij op Bill gericht.
Bill wist niet wat erger was; sterven of ondergaan wat hem hoogstwaarschijnlijk te wachten stond. Het angstzweet brak hem uit, doordrenkte zijn kleding. Hij probeerde niet meer te huilen, maar dat lukte niet langer; hij was zo bang dat hij zijn emoties niet meer onder controle had. Zijn tanden klapperden zachtjes doordat hij van top tot teen rilde. Als verlamd stond hij tegen de gesloten deur aangedrukt, biddend om zijn broer, zijn blik onwillekeurig gericht op het geslachtsdeel van de rapper.
Een snik doorbrak de stilte.
Langzaam liep Bushido achteruit, de revolver nog altijd op Bill gericht, om zich op de rand van het bed te laten zakken. Zijn blik ving die van de jonge zanger, die bijna leek te bezwijken onder de druk die de rapper op hem uitoefende. Hij glimlachte tevreden. Hoe banger Bill zou zijn, hoe minder moeite het Bushido zou kosten om hem te laten doen wat hij van hem verlangde.
Hij zette zijn voeten uit elkaar op de vloer, zodat er tussen zijn knieën een ruimte ontstond waarvan Bill precies wist waar hij toe diende. Hij sloot getergd zijn ogen.
“Laat maar zien wat je kunt.”
Bill had het gevoel dat hij geen lucht kreeg. De spanning drukte zo zwaar op zijn borst dat hij bang was dat hij flauw zou vallen. Een gigantisch gevoel van misselijkheid overviel hem. Hij vervloekte zichzelf om het feit dat hij zo verschrikkelijk nieuwsgierig was geweest. Op ditzelfde moment had hij evengoed vredig in zijn bed kunnen liggen, zorgeloos nadenkend over hoe geweldig de avond verlopen was. In plaats daarvan staarde hij nu in de loop van een geladen pistool en werd hij gedwongen tot iets wat hij zelfs in zijn ergste nachtmerries nooit had hoeven doen.
Op trillende benen begaf Bill zich in de richting van het bed. Bushido keek hem aan met begerige ogen; Bill voelde zijn paniek met iedere stap toenemen. Zoute tranen vertroebelden zijn blik en rolden vervolgens levenloos over zijn wangen – net zo levenloos als hij zich op dat moment voelde. De constante angst schakelde iedere vorm van bewustzijn uit. Hij had het gevoel dat hij onder water liep, zo zwaar waren de passen die hij moest nemen. Hij huilde van machteloosheid. Nog altijd hoopte hij dat iemand hem zou komen redden, maar hij was rationeel genoeg ingesteld om te weten dat dat niet zou gebeuren. Hij zat opgesloten in een hotelkamer, samen met iemand die hem de meest gruwelijk denkbare dingen met hem zou kunnen doen. Het was eender dat, of de dood.
Hij dacht aan zijn broer, die waarschijnlijk op dat moment de liefde aan het bedrijven was; hij dacht aan Georg en Gustav, die op dat moment waarschijnlijk onbezorgd en blij dansten en dronken; maar bovenal dacht hij aan David. Bill vervloekte zichzelf om het feit dat hij niet beter naar hem geluisterd had. David zou hem misschien vermoorden, maar dat was bij wijze van spreken. Bushido had een wapen dat nog altijd op Bills bleke gezicht gericht had. Hij moest doorzetten om te overleven.
Bushido voelde zijn opwinding groeien met iedere centimeter waarmee Bill zich dichter bij hem in de buurt begaf. Het was te mooi om waar te kunnen zijn. Hij had zijn droom vrijwel binnen handbereik. Al zo vaak had hij gefantaseerd over een aantal uur met Bill alleen; hij kon bijna niet bevatten dat hij nu de mogelijk had die fantasieën ten uitvoer te brengen. De jongen tegenover hem was overduidelijk angstig, maar dat maakte Bushido’s verlangen enkel groter. Hij vond het geweldig om te weten dat hij Bill in de hand had, om te weten dat de jongen alles zou doen wat hij hem zou zeggen.
Bill zou niet vluchten.
Zodra Bill dichtbij genoeg was, liet hij zich tussen de dijen van de rapper op zijn knieën zakken. Geluidloze tranen stroomden over zijn wangen, sporen van zout en make-up achterlatend. Hij voelde op dat moment zoveel weerstand dat hij zichzelf ervan moest weerhouden niet te schreeuwen. Hij wist echter dat hij stil moest blijven en moest doen wat hem gezegd werd. Hij kon het niet, maar hij moest. Zijn overlevingsdrang won het van zijn angst.
Hij boog zijn hoofd en sloot zijn ogen. Bushido verstrengelde zijn vingers met Bills lange, zwarte haar en stuurde zijn hoofd richting de plaats die Bill op dat moment liever dan wat dan ook wilde vermijden. De koude loop van het pistool prikte opnieuw koelbloedig in zijn hals.
Hij opende zijn ogen zodra zijn lippen de huid van Bushido's erectie raakten. De paniek nam zijn gehele lichaam over, maar hij wist dat hij rustig moest blijven. Hij slikte de brok in zijn keel weg, denkend aan het pistool in zijn hals, en probeerde zich over zijn angst heen te zetten. Hij dacht aan Georg, aan Gustav, aan zijn tweelingbroer. Zij waren de personen waarvoor hij dit deed; de personen waarvoor hij wilde blijven leven. Hij kon het simpelweg niet maken hen zomaar in de steek te laten. Het was zijn eigen schuld dat hij in de val gelopen was en nu moest hij zichzelf eruit zien te redden. Er hing een dichte mist in zijn hoofd; hij voelde zich gedrogeerd. Het was ook zo onwerkelijk. Hij hoopte dat hij droomde, maar wist dat dit de onverbiddelijke waarheid was.
In zijn hoofd zette hij een knop om die zijn gedachten uitschakelde. Hij walgde van zichzelf toen hij Bushido in zijn mond nam, maar hij wist ook dat hij geen andere keuze had. Als dit zijn straf was voor zijn roekeloosheid, dan moest hij die ondergaan, hoe verschrikkelijk dat ook was. De tranen brandden achter zijn ogen, maar zijn hield ze binnen en hij sloot zijn ogen, opnieuw. Hij wilde zijn lot niet onder ogen zien.
Hij zoog zachtjes, timide. Iedere vezel van zijn lichaam schreeuwde om bevrijding, maar hij wist dat die bevrijding niet zou komen. Hij zette zijn verstand op nul en probeerde aan iets fijns te denken terwijl hij Bushido bevredigde. Daar slaagde hij echter niet in. Hij kon slechts denken aan hoezeer hij zich schaamde voor wat hij deed en hoe de jongens wel niet zouden reageren wanneer ze erachter zouden komen – als ze er ooit achter zouden komen. Hij was het niet gewend geheimen te hebben voor de rest van de band, maar dit mochten ze nooit van hun leven te weten komen.
Ook al was het het meest weerzinwekkende dat hij ooit gedaan had; Bill deed ondanks zijn onervarenheid alles wat er van hem verwacht werd. Hij wist dat hoe sneller hij Bushido naar een hoogtepunt zou voeren, hoe sneller dit verschrikkelijke moment voorbij zou zijn.
Bushido kon een luide kreun van genot niet onderdrukken. Op dat moment leken al zijn fantasieën werkelijkheid te worden. Al zo vaak had hij hiervan gedroomd – nu leefde hij zijn dromen. Het was perfect. Met de sterke vingers van zijn ene hand verstrengeld in Bills haar en de andere rustend op de trekker van het wapen, ervoer hij dingen die hij nog nooit eerder ervaren had. Hij voelde dat hij Bills eerste was, maar het idee alleen al was al zo opwindend dat dat hem niets meer uitmaakte. Nooit had hij de hoop durven koesteren Bill ooit binnen handbereik te krijgen en nu had hij hem, knielend tussen zijn dijen, zuigend aan zijn lul.
Het gevoel van het metaal van Bills piercing maakte hem wild van lust. Zelfs al was Bill onervaren; hij had het in zich om de rapper al binnen een minuut buiten zichzelf te laten treden. Bushido verloor de controle over zijn acties, gedreven door pure lust. Hij dwong Bill hem dieper te bevredigen en sidderde toen hij hem voelde kokhalzen. Met zijn heupen stootte hij zachtjes in Bills vochtige mond, in extase, genietend van de trillingen van Bills huig.
Op dat moment voelde hij dat het niet genoeg was. Hij moest in Bill zijn.
Hij trok Bill aan zijn haren naar boven en kuste hem vol overgave. Hij proefde het zout van zijn voorvocht op Bills lippen. Zijn lul deed zeer van verlangen. Hij wilde Bill zo verschrikkelijk graag neuken dat hij zichzelf verloor. Zonder het contact tussen hun lippen te verbreken, trok hij de bevende jongen naast zich op het smetteloze bed, hem bedekkend met zijn naakte, verlangende lichaam.
Bill verkrampte onder Bushido’s aanrakingen. Hij perste zijn lippen stijf op elkaar, weigerend de rapper langer toegang zijn mond te verlenen toen hij daarom vroeg. Op dat moment was hij door zijn verwarring alle gevaren uit het oog verloren. Er overkwam hem teveel op hetzelfde moment; alles overspoelde hem tegelijkertijd en dat maakte dat hij in de war raakte. Op een gegeven moment wist hij niet meer wat er echt was en wat niet. Door het gewicht van Bushido’s lichaam bovenop dat van hem, kon hij maar moeizaam ademhalen. Hij had het gevoel dat zijn hersenen geen zuurstof meer kregen en wilde naar lucht happen, maar hij werd verhinderd door Bushido’s eisende lippen. Bill worstelde onder hem, strijdend tegen dat bedwelmende gevoel, vergetend dat de persoon bovenop hem vele malen sterker was.
Een schok van pijn schoot als elektriciteit door Bills tengere lichaam toen Bushido zijn knie op volle kracht in Bills kruis drukte. Hij opende zijn mond in een geluidloze schreeuw - iets waar Bushido dankbaar gebruik van maakte. Hij liet zijn tong in Bills mond glijden en zoende hem diep. Bill was verlamd door de pijn, maar wist zichzelf ertoe te zetten terug te zoenen toen zijn gijzelaar de revolver dieper in zijn huid drukte.
De geluidloze tranen begonnen opnieuw over zijn reeds rauwe wangen te stromen. Hij voelde zichzelf zo machteloos. Bushido's smaak, Bushido's geur, het gevoel van Bushido's naakte erectie tegen zijn been; het maakte hem misselijk. Hij besefte zich dat dit was waar meisjes altijd voor gewaarschuwd werden - meisjes, niet jongens. Bill was een man, maar zo voelde hij zich allerminst op dat moment. Hij werd begeerd door een man, gezoend door een man, aangeraakt door een man; hij had hem zelfs gedwongen moeten pijpen. Bill wenste dat hij zou kunnen vechten zoals een echte man dat zou doen. Hij voelde zichzelf echter zo weerloos. Hij wist dat hij niets kon beginnen tegen een volwassen man met een wapen.
Toen Bushido de kus verbrak, hapte Bill naar lucht, maar dat leek niet veel te helpen. Hij had het gevoel dat hij zou gaan hyperventileren - iets dat Bushido feilloos opmerkte. Zodra hij doorkreeg dat Bill compleet in paniek raakte, legde hij het pistool naast het bed neer en drukte hij zijn lippen in Bills nek, in een poging hem te kalmeren. Hij realiseerde zich dat hij sneller ging dan goed voor Bills zenuwen was, maar hij kon niet anders: hij was bang dat zijn pik zou ontploffen van verlangen als hij nog langer zou wachten.
Hij ging schrijlings op Bills heupen zitten en bewoog zijn vingers kalm naar de zoom van het T-shirt. Bill probeerde controle over de situatie te krijgen, maar hij was zo verward dat hij zijn gedachten niet op orde kon krijgen. Hij was zich ervan bewust dat Bushido langzaam zijn shirt uittrok, maar hij onderging het als in een droom: hij had er geen controle over. Het leek alsof hij geopereerd ging worden, maar dat de verdoving niet werkte; hij wilde wel schreeuwen, vloeken, vechten of bewegen, maar zijn lichaam liet hem jammerlijk in de steek, wat hij ook probeerde.
Bushido schoof zichzelf een stuk naar voren toen hij Bills T-shirt over zijn hoofd trok. Zijn geur overspoelde Bill. Een golf van misselijkheid sloeg kletterend op hem neer, doordrenkte zijn verlamde wezen. Bushido rook naar seks en dat was alles waar hij op dat moment niet aan wilde denken. Tranen van machteloosheid bevochtigden het hoofdkussen waar zijn hoofd zwaar op rustte. Hij had door dat Bushido zijn shirt gebruikte om zijn polsen aan de spijlen van het bed te bevestigen, maar hij dacht er niet aan om tegen te stribbelen. Op dat moment kon hij zich alleen maar focussen op het gevoel van Bushido's naakte, klamme huid op die van hem. Hij was doodsbang.
Zodra hij vastgebonden was, wist Bill dat zijn kansen verkeken waren. Bushido's vingers streelden langs de tere binnenkant van zijn armen, over zijn borstkas, langs zijn tepels en via zijn navel naar de gesp van zijn riem. Bill sloot zijn ogen, bang voor wat er komen ging. Hij wenste dat zijn broer door hun telepathie zou voelen dat hij in het nauw zat en hem zou komen zoeken maar hij wist ook dat, wanneer Tom hem uiteindelijk zou vinden, het al te laat zou zijn. Er waren geen vluchtwegen meer.
Bill lag volledig stil toen Bushido's bekwame vingers zijn knoop openden, berustend in zijn lot. De tranen bleven vloeien; er leek geen einde aan te komen. Hij was zich er maar half van bewust hoe Bushido zijn broek en boxers uittrok, in één snelle beweging - hij kon niets doen vanwege die constante bedwelming in zijn hoofd. De angst leek alle energie uit hem weggezogen te hebben. Het enige waar hij nog toe in staat was, was het optrekken van zijn knieën om zijn geslachtsdeel te verbergen, maar dat was meer een automatisme dan dat hij er echt bij nadacht. Hij verkrampte. Hij schaamde zich zo. Eigenlijk wilde hij op dat moment alleen maar in slaap vallen, of in ieder geval wilde hij dat er iets zou gebeuren waardoor hij dit niet bewust mee hoefde te maken. Misschien was hij dood toch beter af.
Hij snikte toen hij voelde hoe Bushido naast hem neerzakte, op het matras. De rapper fluisterde hem sussende woordjes toe, maar Bill viel niet meer te kalmeren. Hij voelde zo verschrikkelijk veel dingen tegelijk dat hij al die verschillende emoties niet meer uit elkaar kon houden. Het werd hem teveel. Hij wilde vluchten voor Bushido's geur door zich op zijn zij te draaien, maar hij kon het niet. Zijn lichaam had er niet genoeg kracht meer voor. Hij was uitgeput, had het gevoel dat hij de last van de hele wereld op zijn smalle schouders moest dragen.
Hij kon niet meer.
Bushido probeerde Bill zich te laten ontspannen omdat hij wist dat het dan voor hem minder pijnlijk zou zijn. Met zijn brede vingertoppen streelde hij de zachte huid van Bills borst, hals en schouders. Hij kon geen genoeg krijgen van de aanblik van Bills fragiele, naakte lichaam. Het was simpelweg perfect; het feit dat Bill klaarblijkelijk anders over de situatie dacht, veranderde daar niets aan. Één blik op de jonge zanger was genoeg om te weten dat hij hem wilde. Hij moest dat lichaam onder hem zien kronkelen, hij moest dat prachtige gezicht zien vertrekken in een mengeling van genot en pijn. Hij moest in hem zijn.
Hij kwam overeind en verplaatste zich naar het uiteinde van het bed, naar Bills onderlichaam, en genoot van wat hij zag. Bill, vastgebonden aan het bed, naakt, zijn knieën opgetrokken tot zijn borst en zijn ogen krampachtig gesloten, rauw van de tranen. Het was meer dan zijn lul verdragen kon. Het geklop tussen zijn benen werd met de seconde heviger. Toen hij zich voorstelde hoe het zou zijn om Bill gewoon te neuken, had hij het gevoel te bezwijken onder zijn lust. Hij hunkerde naar Bill. Hij kon simpelweg niet bevatten dat de jongen die hij al zo lang begeerde, vastgebonden en naakt op zijn bed lag. Het was onwerkelijk.
Bushido plaatste zijn handen op Bills knieën en drukte hen naar de zijkant, zodat hij werd beloond met een royaal uitzicht op Bills erectie.
Zijn mond krulde om in een kwaadaardige glimlach. Hij likte langs zijn lippen.
“Zie je wel dat je het fijn vindt?”
Bill huiverde. Een zweem van kippenvel bedekte zijn gespreide dijen. Hij voelde dat zijn wangen rood kleurden van gêne. Hij wist dat het zijn schuld niet was, dat zijn pik het verschil tussen seks hebben en verkracht worden niet wist, maar desondanks voelde hij zich er zo mogelijk nog vreselijker door. Hij had het gevoel dat er niets van zijn waardigheid overbleef.
Hij schrok terug toen Bushido zijn erectie streelde; niet enkel omdat hij daarvan schrok en walgde, maar vooral omdat het zeer deed. Hij was nog steeds gevoelig door het knietje dat Bushido hem eerder gegeven had. Hij klemde zijn kaken op elkaar om zichzelf ervan te weerhouden te kreunen van de pijn. In een reflex probeerde hij zijn knieën weer naar zijn borst toe te trekken, maar de rapper hield hen stevig vast. Bill had zich nog nooit zo blootgesteld gevoeld, zo bekeken. Bushido vond het geweldig om Bill te zien lijden, al was hij van nature geen sadist. Het was gewoon zo dat het Bill nog onweerstaanbaarder maakte dan dat hij al was.
Bill ontspande zich wat meer toen Bushido zijn erectie losliet, ondanks dat de spieren in zijn benen begonnen te protesteren. Hij haalde jachtig adem; zijn keel deed zeer van het huilen. Eventjes voelde hij zichzelf bevrijd van Bushido’s aanrakingen, maar dat veranderde toen hij ruwe vingertoppen over zijn onderlichaam voelde strijken, langs zijn liezen, steeds lager.
Bushido genoot van het gevoel van Bills zijdezachte huid. Overal waar hij hem streelde, ontstond kippenvel en dat wond hem op. Hij kon eeuwen kijken naar hoe de spieren in Bills benen trilden, naar hoe Bills erectie onwillekeurig groeide onder zijn aanrakingen. Bushido prijsde zichzelf gelukkig dat hij hem voor zichzelf gewonnen had. Hij wilde iedere vierkante centimeter van Bills lichaam aanraken met zijn lippen, iedere vezel van zijn reinheid. Het liefst wilde hij dat Bill er net zo van zou genieten als hij, maar hij wist dat dat onmogelijk was. Bill zou nooit van hem houden zoals hij van Bill hield.
Met zijn duim streelde hij zachtjes langs Bill opening, wat Bill direct deed opschrikken. Zijn ogen vlogen open, starend naar het plafond, alsof hij hoopte dat dat zijn redding zou zijn. Hij werd opnieuw overvallen door een golf van misselijkheid en afgrijzen. Bushido keek hem aan met een blik in zijn ogen waar Bill het benauwd van kreeg. Hij wilde hem smeken hem te laten gaan, maar zijn keel was zodanig gezwollen dat hij geen enkel woord kon uitbrengen. Bovendien wist hij dat Bushido hem nooit zou laten gaan.
Toen Bushido twee vochtige vingers bij hem naar binnen liet glijden, kreunde Bill laag en zacht. Het gevoel was zo overweldigend onprettig dat hij niets kon doen om die expressie binnen te houden. Hij sloot opnieuw zijn ogen en probeerde zichzelf op iets anders te concentreren, maar dat was onmogelijk. Hij balde zijn vuisten, machteloos. In zijn hoofd riep hij zijn broer aan, riep hij om zijn hulp, maar hij wist dat dat hem nooit zou helpen. Een zoute traan ontsnapte aan zijn grip en biggelde langs zijn oor naar beneden, tot het smetteloos witte dekbed hem opzoog op dezelfde manier als waarop Bill werd opgezogen door zijn wanhoop.
“Je houdt van je broer, nietwaar?”
De lage stem klonk zo laag en dreigend dat Bill direct in stille paniek raakte. Zijn gedachten voerden hem mee naar Tom; de jongen die op dat moment waarschijnlijk dronken met een meisje in een taxi stapte; de jongen die ervan hield hem te treiteren met zijn te strakke broeken; de jongen die Davids bevelen altijd feilloos opvolgde en veel gehoorzamer was dan hij in eerste instantie leek; de jongen die slechts tien minuten eerder dan hij geboren was; de jongen waarmee hij zijn hele leven tot nu toe gedeeld had; de jongen aan wie hij alles kon vertellen; de jongen die zowel zijn tegenpool, maar tegelijkertijd zijn evenbeeld was. Hij zou nooit meer van iemand houden dan van Tom.
Hij knikte bedachtzaam, er nog niet helemaal zeker van of dit niet opnieuw een valstrik was. Hij dacht er echter niet aan te liegen; dat kon hij niet. Bushido’s blik was zo autoritair dat er plotseling niets anders meer bestond dan de waarheid. Hij had geen idee wat hij met dat kleine antwoord aan zou kunnen richten. Hij hield van Tom en Bill had het gevoel dat het geen zin had om dat te ontkennen. Bushido zou toch overal achter komen.
“En je zou niet willen dat hem iets overkomt, toch?”
Bill verkrampte toen Bushido begon met het rustig in- en uit bewegen van zijn vingers. Bushido deed het kalm aan, langzaam, om Bill te laten wennen aan het onnatuurlijke gevoel. Al die tijd bleef hij hem echter doordringend aankijken, Bill eraan herinnerend dat hij hem een antwoord verschuldigd was. Hij ging door met het losser maken van Bills spieren en baadde in een zee van genot toen de jongen onder hem opnieuw zacht kreunde. Hij probeerde het kloppende gevoel tussen zijn benen te negeren, maar dat was ongeveer net zo moeilijk als niet nat worden in de stromende regen.
Plotseling begreep Bill welke kant Bushido op wilde gaan, maar hij besefte zich dat het reeds te laat was. Zijn ademhaling werd zwaarder naarmate zijn paniek groeide. Voor zijn geestesoog zag hij wat Bushido zijn broer allemaal aan kon doen; hij kon hem gijzelen, in elkaar slaan, martelen, hem dwingen iets te doen dat hij niet wilde – hij was zelfs in staat hem te vermoorden. Nieuwe tranen vochten zich een weg naar de oppervlakte, gepaard met angstzweet dat parelde op zijn voorhoofd. Hij kon niet leven zonder zijn broer. Ze hielden er dan wel totaal verschillende idealen op na, maar Bill hield zielsveel van hem en hij zou het nooit te boven komen als hij hem zou verliezen, op welke manier dan ook.
Hij wilde Bushido smeken Tom erbuiten te laten, maar zijn keel was zo rauw dat hij alleen maar kon kreunen van ongemak en angst. Bill verbeet de pijn toen Bushido een derde vinger bij hem naar binnen duwde en hem zo pijnlijk ver uitrekte. Het was net alsof hij uit elkaar gescheurd werd; nu ook lichamelijk. Door zijn buikspieren aan te spannen, hoopte hij het voor zichzelf wat gemakkelijker te maken, maar het bleef zeer doen. Hij snikte erbarmelijk en liet zijn hoofd naar de zijkant vallen, getergd en doodsbang voor wat er komen ging.
“Wanneer ik je zeg dat ik hem voor jouw ogen zal neuken als je niet doet wat ik je opdraag, beloof je mij dan te gehoorzamen?”
Nog voordat Bushido zijn zin volledig had uitgesproken, maakte een golf van paniek zich van Bill meester. De druk op zijn longen werd zo ondraaglijk dat de pijn die de rapper hem toedeed naar de achtergrond verdween. Hij kon de gedachte dat zijn broer dezelfde marteling zou moeten doorstaan als hij simpelweg niet verdragen. Bill voelde zich al gehumilieerd en Toms mannelijkheid was ongeveer tien keer zo groot als die van hem; Bill kon zich niet voorstellen wat het met zijn eigenwaarde zou doen. Hoe verschrikkelijk hij zich ook schaamde, Bill wilde zijn broer voor geen goud laten opdraaien voor de gevolgen van zijn eigen roekeloosheid.
Hij knikte in slowmotion.
Bushido grijnsde toen Bill hem zijn woord gaf – niet dat hij eraan getwijfeld had die te krijgen, maar het gaf hem een prettig gevoel van macht. De rapper had zijn huiswerk goed gedaan. Ook al had Bill tegen hem gelogen; hij wist dat er niemand was van wie Bill meer hield dan van zijn wederhelft, zijn bloedverwant, zijn tweelingboer. De jonge zanger kon simpelweg niets anders dan meegaan in Bushido’s dreigement: het ging immers om Toms welzijn.
“Mooi zo,” zei hij duister. “Draai je om.”
Bill voelde dat Bushido hem bevrijdde van zijn vingers. Plotseling voelde hij zich vreemd genoeg ontzettend leeg. Zodra hij zich realiseerde wat de laatste zin betekend had, deed hij precies wat hem opgedragen werd; ondanks zijn lichamelijke welzijn draaide hij zich op zijn buik, gebroken, uitgeput. Zijn T-shirt knelde om zijn polsen en hij voelde hoe zijn vingertoppen tintelden, maar het kwam niet in hem op om daar nog verder aandacht aan te besteden. Nu hem het zicht op de rapper ontnomen was, concentreerde hij zich uit alle macht op wat er achter hem gebeurde. Plotseling hoorde hij iedere ademhaling, iedere hartslag, iedere trilling. Het was vreemd hoe angst de surrealiteit tot een levendige wereld wist te maken.
“Op je knieën,” beval Bushido, genietend van hoe snel Bill zijn orders opvolgde. Hij had hem volledig in de hand en dat beviel hem. Bill deed wat hem gezegd werd, ook al schreeuwden de spieren in zijn benen van de pijn. Hij bracht zichzelf in de meest beschamende positie die hij zich kon bedenken, zonder dat hij erbij nadacht. Bill begroef zijn gezicht in het hoofdkussen, zodat zijn snikken gedempt zouden worden en hij zich kon verbergen voor de wereld.
Bushido had het gevoel dat hij zou bezwijken. Bill naakt op ellebogen en knieën, zijn kont in de lucht; dat was iets dat enkel in zijn wildste fantasieën voorkwam. De stilte zinderde van lust. Hij streelde de zachte huid van Bills billen en voelde zijn opwinding groeien. Zijn erectie was pijnlijk gezwollen. Hij vond het vreselijk zichzelf zo te moeten martelen, maar hij wist precies waarom hij het deed en dat maakte dat hij het vol kon houden; hoe langer hij zijn verlangen op zou kroppen, hoe heerlijker het moment van ontlading immers zou zijn.
Opnieuw liet hij twee vingers bij de jongen naar binnen glijden; met zijn andere hand reikte hij tussen Bills benen zodat hij zijn ballen kon omvatten en zachtjes masseren. Het feit dat Bills hoofd was verborgen in zijn hoofdkussen, kon niet verhullen dat hij luid kreunde. Bushido had geen idee of dat van pijn of van genot was. De rapper bewoog zijn vingers langzaam in en uit. Bill was gespannen, voelde hij, en hij wilde niet dat het Bill zeer zou doen. Het moest voor hen beide iets zijn om nooit meer te vergeten.
Bills tengere lichaam zinderde toen Bushido zijn prostaat streelde; een beweging die het geklop in zijn lul nog erger maakte. Het feit dat hij Bills erectie harder voelde worden tegen zijn masserende hand, duwde hem over het randje. Hij bevochtigde zijn lippen, met zijn door mist benevelde ogen kijkend naar het kronkelende lichaam onder hem en hij besefte zich dat hij niets liever wilde dan dat lichaam overmeesteren. Hij moest in hem zijn.
Bushido trok zijn vingers terug en legde zijn handen op Bills smalle heupen terwijl hij zich achter hem situeerde, hun bekkens op gelijke hoogte. Iedere beweging die hij maakte, leek plotseling in slowmotion te zijn. Hij kon niet meer helder denken. Zijn gehele wezen was doordrenkt van geilheid; het leidde hem en zorgde ervoor dat alles om hem heen verdween. Opeens waren er enkel nog Bills reine lichaam en Bushido’s eisende lust.
Bills adem stokte in zijn keel toen Bushido hem in één simpele beweging zijn maagdelijkheid afnam.
Bushido had zichzelf voorgenomen het rustig aan te doen, zodat hij Bill kon laten wennen. Zodra hij Bill echter om zich heen voelde, liet hij die belofte varen. De wrijving maakte hem gek, evenals de kleine kreuntjes die de jonge zanger produceerde toen Bushido zich steeds dieper in hem drong. Hij begon relatief rustig, maar toen hij voelde hoe Bill zijn spieren steeds strakker trok, hield hij het niet meer. In één vloeiende beweging vocht hij zijn weg naar binnen, Bill vullend. Hij genoot van zijn warmte.
Bill kneep zijn ogen dicht. Het brandde. Met iedere beweging die de rapper maakte, verkrampten zijn spieren meer en meer. Toen Bushido zichzelf bijna volledig uit hem liet glijden en vervolgens zijn pik opnieuw hard bij Bill naar binnen ramde, dook hij zo mogelijk nog dieper in elkaar. Hij voelde hoe iets warms een dun spoor over zijn dij trok. Bloed, vermoedde hij. De pijn was onmenselijk; hij kon een getergd geluid van pijn niet onderdrukken. Het ritueel van terugtrekken en stoten herhaalde zich nog een aantal keer; steeds heviger. De misselijkheid die Bill de gehele tijd al gevoeld had, leek met iedere seconde toe te nemen. Hij balanceerde op het randje van bewustzijn en hij hoopte dat hij gewoon flauw kon vallen, maar dat gebeurde niet. Hij bleef zich bewust van het feit dat hij genadeloos geneukt werd, onder dwang, zonder iemand om hem te helpen, en dat terwijl het allemaal zijn eigen schuld was.
De rapper kon een luide kreun niet onderdrukken. Bill was ontzettend nauw, wat tot gevolg had dat Bushido optimaal bevredigd werd. Het was hemels, alsof hij zweefde en loskwam van de aarde onder hem. Iedere keer dat hij in Bill stootte, voelde hij hoe hij langzaam naar een zeker hoogtepunt vloog, naar de zon die zijn climax zou brengen. Het ritmische geluid van iedere keer dat Bushido’s huid in contact met die van Bill kwam, maakte dat hij in trance raakte, waardoor hij zich vreemd genoeg bewuster werd van het opgewonden getintel dat zich door zijn gehele lichaam verspreidde. Ook al was iedere spier in Bills lichaam gespannen; hij bewoog willoos onder hem. De rapper kreunde opnieuw. Hij voelde dat hij de controle over Bill had en dat maakte dat hij zichzelf volledig durfde te laten gaan. Zijn handen gleden van Bills heupen naar zijn dijen, zodat hij de zanger lichtjes op kon tillen en hem steeds tegen zich aan kon trekken in plaats van dat hij moest stoten. Het gevoel in zijn lul werd met de seconde heviger, als een ballon die langzaam werd gevuld met warm water. Hij had het gevoel dat hij zou exploderen wanneer hij niet heel snel het hoogtepunt zou bereiken. Hij was zo opgewonden dat het amper een minuut zou duren.
Bill huilde hard doch geluidloos, als een hulpeloos kind. Hij kon het niet aan; de schaamte, de pijn, de constante dwang waaronder hij verkeerde. Hij probeerde niet te denken aan wat Bushido met hem deed, maar de gedachte daaraan was te weerzinwekkend om het uit zijn hoofd te kunnen bannen. Hoe meer hij het probeerde weg te stoppen, hoe helderder het hem juist voor de geest kwam te staan. Hij balde zijn weerloze handen tot vuisten, zo hard dat zijn nagels zijn huid bijna doorkliefden, maar hij was compleet gevoelloos. Niets was in staat de pijn die Bushido hem aandeed te overtreffen.
Niets.
Het was alsof de tijd was gestopt met lopen, zo lang leek het te duren. Bushido stootte in het begin langzaam en diep, maar naarmate hij de controle over zijn lichaam verloor, veranderde hij het tempo en werden zijn stoten oppervlakkiger. Zijn ademhaling werd onregelmatig, de geluiden die hij uitstootte harder. Bill kreunde zachtjes bij iedere stoot, bij iedere pijnscheut die door zijn lichaam flitste. Hij probeerde nergens meer aan te denken; behalve aan het feit dat hij wilde dat het op zou houden.
Toen Bushido op een gegeven moment voelde hoe hij over het randje dreigde te vallen, stootte hij nog eenmaal diep in Bill, waarna hij werd overvallen door een overweldigende vloedgolf van bevrediging. Zijn orgasme was zo hevig dat hij het gevoel had dat zijn lichaam uit elkaar gescheurd werd. Hij wierp zijn hoofd in zijn nek en kreunde luid terwijl hij Bill opvulde. Op dat moment leek het wel alsof er niets meer bestond; het werd zwart voor zijn ogen en de geluiden om hem heen vervaagden op het moment dat hij zichzelf overgaf aan zijn lustgevoelens. Nog nasidderend van genot liet hij zichzelf vervolgens op de fragiele en roerloze jongen onder hem zakken, hijgend en uitgeput door deze sensaties.
Plotseling leek de tijd weer te gaan lopen. Iedere vierkante centimeter van Bills lichaam deed zeer, alsof hij urenlang achtereen geslagen was, maar hij voelde zichzelf op de één of andere manier ontzettend opgelucht; als het nu voorbij was, betekende dat dat hij spoedig vrijgelaten zou worden. Dat idee leek hem nog altijd zo onwerkelijk. In het afgelopen uur had hij niet eens durven denken aan het feit dat hij de blauwe lucht ooit nog zou mogen aanschouwen. Een snik ontsnapte aan zijn gezwollen keel toen hij aan Tom dacht; de enige op aarde voor wie hij nooit geheimen gehad had en voor wie hij nu iets verschrikkelijks achter moest houden. Hij kon zich niet voorstellen hoe het moest zijn om zijn wederhelft iets te moeten verzwijgen, maar hij wist zeker dat hij zijn mond zou houden, voor Toms veiligheid.
Op het moment dat Bushido hoorde dat Bill snikte, kwam hij langzaam overeind. Bills tere lichaam schokte van het huilen en op de één of andere manier raakte dat hem. Het was alsof de doorn van een roos zijn hart doorboorde. Hij kon er niet tegen om Bill te zien huilen, zelfs al deed dat niets af aan zijn schoonheid. Zachtjes streelde hij de huid van zijn billen alvorens zichzelf heel langzaam uit hem terug te trekken, voorzichtig, zodat hij hem geen pijn meer zou doen.
Op dat moment merkte hij het reeds geronnen bloed op.
Plotseling ging er bij Bushido een knop om; de jongen van wie hij meer hield dan van wie dan ook, had pijn geleden en dat was zijn schuld – hij kon er met zijn hoofd niet bij dat hij niet wat voorzichtiger was geweest. Sneller dan de wind vloog hij naar het hoofdeinde van het bed, waar hij Bills handen probeerde te bevrijden. Hij was echter zo gehaast dat het langer duurde dan nodig was. Hij brak zijn vingers bijna toen hij de knoop probeerde los te trekken, scheurde het katoen uit frustratie bijna kapot, maar wist zichzelf daarvan te onthouden door zich te bedenken dat het voor Bill waarschijnlijk van waarde was. Alles wat Bill belangrijk vond, vond hij belangrijk.
Toen het shirt uiteindelijk los schoot, gooide hij het doelloos naast hen neer. Hij kuste Bills polsen en nam de gebroken jongen vervolgens in zijn armen. Bill liet het gewillig toe. Ten eerste had hij geen kracht meer om te vechten, maar ten tweede had hij behoefte aan warmte. Hoe vreemd het ook klinkt om te zeggen dat hij het prettig vond vastgehouden te worden door de man die hem zojuist verkracht had; het was zo. Hij was ontzettend in de war; plotseling zag hij het verschil tussen goed en kwaad niet meer. Hij begreep het niet van zichzelf, maar na alles waar hij doorheen gemoeten had, smachtte hij naar de warmte van iemand die van hem hield – en ook al had Bushido hem op brute wijze gedwongen seks met hem te hebben; het viel niet te ontkennen dat hij van hem hield.
Bushido drukte Bill dicht tegen zich aan, kuste zijn vochtige haren en streelde zijn pijnlijke rug. Hij verborg Bills gezicht in zijn warme hals en fluisterde sussende niemendalletjes die over zijn verhitte huid dansten. Zijn vingertoppen en lippen liefkoosden iedere vierkante centimeter huid op Bills hevig op en neer deinende borst, bang om een stukje te vergeten. Hij wilde niet dat Bill leed en had er alles voor over om hem de pijn te ontnemen. Hij streek het zwarte haar als een donker gordijn opzij en zag Bills gesloten en betraande ogen. Zijn hart brak. Langzaam begon hij hem te wiegen, zorgelijk, nog altijd zachtjes troostend. Hij sloot zijn ogen opgelucht toen hij voelde hoe Bill zich tegen hem aan nestelde, op zoek naar de warmte waarnaar ze beiden zo verlangden. De tranen bleven maar over zijn met make-up besmeurde gezicht rollen, als modderige watervallen die genadeloos in de diepe afgrond kletterden. Bill voelde zich precies zo; vallend in de diepte. Bushido was op dat moment het enige dat hem houvast bood.
“Stil maar,” zei de rapper stilletjes, zijn stem zo zacht als duizend donzen veertjes. “Het komt wel goed.”
Bill had op dat moment pas echt het gevoel dat hij met zijn metgezel versmolt. De woorden die hem toegefluisterd werden, de zachte strelingen, Bushido’s liefde. Het leek al het voorgaande goed te maken. De pijn in zijn onderlichaam brandde nog zachtjes, als een schaafwond, maar het werd met de seconde minder erg. Het was alsof Bushido’s aanrakingen alle pijn wegnamen; alsof zijn fluisteringen een toverspreuk waren die hem meevoerde naar een land waarin vernedering en schaamte niet bestonden.
Toen hij voelde dat de warmte van de rapper zich langzaam van hem distantieerde, raakte hij in paniek. De strelingen verdwenen, de fluisteringen verstomden en hij werd gevangen door de kilte. Het ging zo verschrikkelijk snel dat hij niets kon doen om het tegen te houden. Hij strekte zijn vermoeide armen uit naar de plaats waar Bushido gelegen had; er restte niets dan leegte. Met alle kracht die hij bezat, bracht hij een wanhopig geluid uit, een wanhoopskreet die hem ineen deed duiken van stekende pijn. Het leek alsof er duizenden giftige naalden in hem gestoken werden; een marteling die hem zijn mond liet openen in een geluidloze schreeuw om hulp.
Plotseling voelde hij hoe twee warme handen die van hem omvatten, hoe een paar zachte lippen zijn oorschelp streelden. Hij had opeens het gevoel dat hij weer vrijuit kon ademen, alsof met het verdwijnen van de warmte een hand hem het ademen had belet en Bushido die hand weer weggehaald had. De aanwezigheid van de warmte maakte hem rustig en leek alle pijn weg te nemen; al was hij te vermoeid om zijn ogen te openen, hij wist zeker dat Bushido bij hem was.
“Rustig maar, lieverd,” fluisterde hij teder. “Ik ben zo terug. Wees een brave jongen, goed?”
Bill probeerde te antwoorden, maar zijn keel schrijnde iedere keer dat hij een wezenlijk woord over zijn lippen trachtte te duwen. Hij kreunde getergd. Nog altijd met zijn ogen gesloten zocht hij naar Bushido's lippen, verlangend naar een blijk van liefde. Hij wilde vastgehouden, gekust, geliefkoosd worden. Hij begreep niets van zichzelf, maar op dat moment was er niets dat hij liever wilde dan het voelen van de warmte van iemand die hem begeerde. Bushido trok zijn hoofd echter terug, het Bill onmogelijk makend hem te kunnen vinden. Vanachter de gesloten oogleden van de jonge zanger welden opnieuw tranen van paniek op.
“Shhh,” fluisterde Bushido, de rug van Bills hand strelend met zijn duim. “Zul je een brave jongen zijn?”
Een snik weerkaatste tegen de muren van de hotelkamer. Bill was doodsbang om alleen achter te moeten blijven. Hij probeerde zijn handen los te trekken zodat hij zijn armen om Bushido's nek kon slaan en hem kon dwingen hem vast te houden, maar de rapper was vele malen sterker dan hij. Hij hield Bill in bedwang terwijl hij met zijn lippen langs zijn schrale wangen streek, het zout van zijn wangen wegkussend.
“Denk aan Tom, liefje,” fluisterde hij. “Zul je een brave jongen zijn?”
Bill dook ineen toen Bushido de naam van zijn broer noemde en kneep zijn ogen stijf dicht. Tom verscheen voor zijn geestesoog, vrolijk en vol levenslust; Bill wist zeker dat Bushido hem dat zou afnemen wanneer Tom in zijn handen zou vallen. Wanneer Bushido met Tom precies hetzelfde zou doen als hij met hem gedaan had, zou zijn broer nooit meer kunnen lachen. De schaamte zou hem nog meer kapot maken dan het met Bill zou doen. Hij wist niet hoe hij zou moeten leven zonder Toms humor, zonder de lach die hem altijd en overal wist op te vrolijken. Zijn adem stokte in zijn keel.
“Alsjeblieft,” smeekte hij, de woorden over zijn lippen dwingend. Een pijnscheut flitste door zijn lichaam. “Niet Tom. Alsjeblieft.”
Hij klemde zijn kaken op elkaar om de pijn te verdoven, maar het hielp niet. Hij had het gevoel dat al zijn botten gebroken waren, alsof hij van een kilometer hoogte uit een vliegtuig gegooid was en de klap had overleefd. Twee tranen vonden hun weg naar buiten en biggelden over zijn wangen, waar ze Bushido's rozige lippen ontmoetten en verdwenen.
“Wees een brave jongen en wacht stilletjes totdat ik weer terug ben, oké?”
Bill knikte direct, doodsbang dat Tom iets zou overkomen als hij dat niet zou doen. Het moment daarna voelde hij hoe Bushido zijn handen losliet en hoe hij langzaam van hem wegliep, hem naakt en eenzaam achterlatend in de kilte van de schaamte.
Het duurde niet lang voordat Bushido weer terugkwam. Nog voordat Bill wezenlijk in paniek had durven raken, voelde hij hoe het matras meegaf onder het gewicht van de rapper. Direct strekte hij zijn arm uit, als een stille kreet om genegenheid, welke beantwoord werd toen Bushido Bills vingertoppen streelde met die van zichzelf. Hij sloeg zijn arm om het slanke en gebroken lichaam heen en trok de jongen tegen zich aan, zijn neus verborgen in het lange haar, stille woorden fluisterend die Bills tranen alleen maar sneller deden stromen. Hoe veiliger en opgeluchter hij zich voelde, hoe harder hij begon te huilen. Het contrast met even daarvoor was te groot voor hem om te kunnen bevatten. Hij had het gevoel dat hij gek werd.
Bushido drukte zijn mond op Bills trillende lippen, kuste ze warm. Bill stopte direct met rillen toen hij dat deed, werd rustig en kroop dichter tegen hem aan, als een klein kind dat warmte zocht bij zijn moeder. Hij was hongerig naar liefde. Toen hij voelde dat Bushido zijn tong tegen zijn gesloten lippen duwde, deed hij gewillig wat er van hem verwacht werd. Hij beantwoordde de kus hongerig, smachtend naar meer warmte, meer liefde – meer dan dat de rapper hem ooit zou kunnen geven. Bushido had door Bill te misbruiken een bodemloze put van hem gemaakt.
Hij masseerde Bills tong zachtjes met die van hem, streelde zijn rug met zijn handen. Hij liefkoosde hem met alle liefde die hij in zich had, net zo lang totdat hij voelde hoe de spieren onder zijn vingertoppen langzaam ontspannen werden. Zijn lippen waren gevoelloos en tintelden iedere keer wanneer hij Bills huid beroerde, maar daar gaf hij net zoveel om als om de Duitse politiek. Bill was degene om wie alles draaide; degene die verdriet had, die leed, die getroost moest worden. Hij proefde het zout van de gevallen tranen op zijn tong en trok zijn hoofd terug, zodat hij kon zien dat Bills ogen nog altijd gesloten waren.
“Shhh,” fluisterde hij terwijl hij de reeds heldere tranen wegveegde. “Shhh…”
Plotseling voelde Bill iets zachts op zijn wangen, vochtig en warm. Pas toen hij die warmte voelde, besefte hij zich hoe koud hij het eigenlijk gekregen had in die paar luttele seconden dat hij alleen geweest was. Het joeg kippenvel over zijn gehele huid. Bill kreunde zachtjes; zo zacht dat hij zelf niet eens doorhad dat hij het deed. De stroompjes warm water maakten zijn gezicht langzaam schoon, maakten dat hij warm werd van binnen. Het was goddelijk. Hij voelde zich plotseling zo geliefd dat hij nog twee tranen huilde.
Bushido’s lippen krulden om in een liefdevolle glimlach. Hij legde het washandje terug in het teiltje warm water dat op het nachtkastje stond en pakte een handdoek om Bills gezicht af te drogen. Met de zachte stof streek hij voorzichtig over Bills bleke gezicht, bang om hem nog meer pijn te doen. Hij depte zijn huid droog en genoot van hoe de zanger daarvan leek te genieten: Bill had zijn ogen nog altijd gesloten, maar nu minder krampachtig en zijn lippen lagen sensueel net niet helemaal op elkaar. Hij voelde hoe zijn opwinding weer begon te groeien, hoe zijn lul langzaam opnieuw stijf werd, maar hij bedwong zichzelf zonder enige moeite. Bill had genoeg gehad.
Hij pakte het washandje en waste Bills borst, Bills rug, zijn schouders en zijn hals. Al die tijd bleef de jongen roerloos tegen hem aan liggen, zijn handpalmen op Bushido’s borst en bovenarm. Het leek alsof hij sliep, zo vredig was de aanblik van zijn naakte lichaam. Bill had niet eens meer door dat hij geen kleding droeg. Gewillig onderging hij Bushido’s aanrakingen, genietend van de warmte die hem daarbij geschonken werd. Alle haartjes op zijn lichaam stonden overeind, zijn zenuwen stonden op scherp. Iedere minimale aanraking registreerde hij, al was het maar Bushido’s adem die warm langs zijn huid streek. Hij koesterde iedere seconde die verstreek, ieder moment waarin hij zich meer geliefd voelde dan ooit tevoren.
Toen Bushido voorzichtig het bloed van zijn dijen begon te wassen, kreunde hij opnieuw stil. Hij merkte hoe ook zijn lichaam hevig reageerde op de intimiteit, maar vreemd genoeg gaf hij er niet om. Hij voelde zich zo versmolten met de rapper dat hij het gevoel had dat hij hem al miljoenen keren naakt gezien had. In deze staat zou hij zelfs zijn leven in zijn handen durven leggen.
Voorzichtig schoof Bushido zijn knie tussen Bills benen, zodat hij hem teder kon ontdoen van alles wat zijn pure huid ontsierde. Bill gaf gemakkelijk mee, alsof alle spieren in zijn lichaam uitgeschakeld waren. Terwijl Bill zijn hoofd in het holletje van Bushido’s hals verborg, verlangend naar meer van zijn zachtheid, waste de rapper hem, het washandje telkens schoonspoelend in het teiltje. Het water kleurde langzaam roze door het verdunde bloed. Bushido voelde hoe Bills stille tranen op zijn schouder drupten en hij glimlachte. Hij voelde zich zo met hem verbonden op dat moment. Zo innig verstrengeld had hij nog nooit met iemand op bed gelegen; hij had nog nooit iemand zoveel liefde kunnen schenken.
Een pijnscheut flitste door Bills lichaam toen Bushido voorzichtig met het washandje over zijn opening streek; instinctief drukte hij zijn onderlichaam naar voren, om weg te komen van het vreselijke gevoel, waardoor hij met zijn erectie tegen die van de rapper aan kwam te liggen. Hij klemde zijn kaken op elkaar, maar kon een getergde kreet van pijn niet onderdrukken. Het voelde alsof hij geteisterd werd met gloeiend heet ijzer dat zijn huid verschroeide; het was verschrikkelijk.
“Stil maar,” fluisterde Bushido zonder te pauzeren, genietend van het gevoel van Bills geslachtsdeel tegen dat van hem. Hij voelde zijn lustgevoelens kriebelen in het onderste van zijn buik, voelde hoe zijn lul langzaamaan begon te kloppen van tergend verlangen; het werd steeds moeilijker zichzelf onder controle te houden. Hij wilde Bill geen pijn doen maar hij wist dat zijn brein werd uitgeschakeld wanneer zijn geilheid het denken van hem overnam. Zeker nu hij het zijn hand zo dichtbij zijn opening was, Bills huid en Bushido’s vingertoppen slechts gescheiden door de zachte stof – hij wist niet of het wel zo verstandig was om door te gaan. Wat hij wel wist, was dat hij het prettig vond zo intiem met Bill te zijn. Zodoende besloot hij niet te stoppen.
Bill werd plotseling overspoeld door dezelfde angstgevoelens die hij in het begin gehad had. Nu Bushido hem opnieuw pijn deed, hetzij met een geheel andere reden dan eerst, werd hij eraan herinnerd wat hij hem aangedaan had; hij had hem verkracht en toen Bill Bushido’s erectie tegen hem aan voelde drukken, realiseerde hij zich dat de rapper het zo weer kon doen. Zijn hart bonkte in zijn keel en zijn ademhaling werd onstabiel; hij ging sterretjes zien en voelde hoe de misselijkheid en de schaamte het weer van hem overnamen. Plotseling voelde hij zich ontzettend naakt. Hij wilde Bushido van hem afduwen, maar de pijn immobiliseerde zijn spieren – hij kon de kracht er niet voor vinden. Hij snikte van machteloosheid en liet de pijn hem overspoelen als een vloedgolf die hem mee de diepte in zou sleuren.
Uit alle macht probeerde Bushido niet te denken aan Bills erectie, maar daarmee bereikte hij juist het tegenovergestelde; zijn geslachtsdeel was het enige waar zijn gedachten mee bezig waren. Zachtjes kreunde hij in Bills haar, vechtend tegen de stem die zijn doen en laten over dreigde te nemen, maar het was al gauw te laat. Hij liet het washandje uit zijn vingers glijden en streek met zijn nog warme, vochtige vingertoppen over Bills huid, richting zijn inmiddels gezwollen erectie. Het stemmetje in zijn hoofd gebood hem dat te doen. Hij moest en zou Bill zien klaarkomen, zijn engelengezicht zien op het moment dat zijn lichaam en geest uit elkaar gescheurd werden door een explosie van genot.
Zodra Bill voelde dat Bushido’s handen richting zijn erectie bewogen, nam de paniek het van hem over. De adrenaline die door zijn aderen begon te stromen, maakte dat hij niet meer dacht aan eender de pijn die hij al had of de pijn die zijn verzet hem op zou leveren. Zijn ogen vlogen open en staarden recht in die van de rapper; donkere, zwarte tunnels zonder enige vorm van licht of warmte.
Bill had het gevoel dat hij in een put viel die al net zo bodemloos was als zijn eigen verlangen. Angstig haalde hij adem, geagiteerd, oppervlakkig; hijgend, bijna. Hij schudde zijn hoofd, zijn blik nog altijd verankerd in die van zijn belager, zijn kaken op elkaar geklemd en een snik rustend op zijn volle, gracieuze lippen. Met zijn slanke handen omklemde hij die van Bushido; hij duwde hen zachtjes weg van zijn geslachtsdeel, maar slaagde daar niet al te lang in: Bushido was sterker dan hij was. Hij trok zijn handen los uit die van Bill en bracht hen terug naar de zachte huid van Bills erectie.
Bill snikte, nog altijd schuddend met zijn hoofd, de paniek wervelend in zijn hoofd. Opnieuw duwde hij Bushido’s handen weg, waarna ze hem direct weer ontglipten en hun weg terug vonden. De tranen stroomden over zijn schoongewassen gezicht; tranen van hulpeloosheid en angst. Hij zocht naar een woord dat hij niet kon vinden. Bushido bleef zijn erectie strelen, onafgebroken. Bill voelde zich plotseling zo bedrogen. Ze hadden samen een kort, hemels moment gedeeld nadat Bushido hem door een hel heen gesleept had en opeens waren ze weer terug bij af.
Toen Bushido zijn lippen op die van Bill probeerde te drukken, wendde Bill zijn gezicht af, naar beneden, met zijn hoofd nog altijd duidelijk makend dat hij niet wilde. Plotseling leek Bushido weer overal te zijn, overal op zijn lichaam; zijn geur, zijn adem, zijn zweet, zijn handen; een gevoel van misselijkheid overspoelde hem opnieuw, samen met de schaamte en het gevoel onrein te zijn. Hij was misbruikt; niemand zou ooit nog van hem kunnen houden, zelfs zijn eigen broer niet. Zodra Tom te weten zou komen dat hij geneukt was door een man van achtentwintig, zou hij hem minachtend aankijken en wegsturen met de boodschap dat hij nooit meer iets met hem te maken wilde hebben. Hij kon zijn broer niet eens ongelijk geven. Hem minachten en wegsturen was wel het minste dat hij kon doen.
“Nee,” wist hij uit te brengen toen hij voelde hoe Bushido’s ruwe handen zich over zijn erectie bewogen, hen wegduwend terwijl hij zijn knieën optrok. Hij probeerde weg te draaien, maar werd stevig vastgehouden door een sterke hand die hem dwong op zijn plaats te blijven. De angst nam toe; het klotste in zijn borst en maakte hem misselijker dan hij al was. Hij duwde de handen weg, sloeg ze van zich af, waarna ze steeds weer terugkwamen en hem vastgrepen, als wurgplanten die hem in zijn greep hadden. De paniek in zijn hoofd groeide; een wervelstorm joeg al zijn gedachten door elkaar, al zijn emoties, al zijn gevoelens. Bill had het gevoel dat hij langzaam gek aan het worden was. Het enige waar hij aan kon denken, was overleven. Hij bleef van zich afslaan, geautomatiseerd: iedere keer als hij voelde dat hij werd aangeraakt, haalde hij uit. Het gebeurde allemaal in een razend tempo waarin hij zijn tranen niet in bedwang kon houden. Hij sloeg, beet, schopte, vocht, maar telkens weer werd het hem belet te ontsnappen. Hij was letterlijk doodsbang.
“Néé,” schreeuwde hij, in een wanhopige kreet die zijn keel deed branden van pijn. Bushido gaf er geen gehoor aan. Hij wilde zijn armen om de jongen heen slaan, in een poging hem te kalmeren. Hoe meer hij het echter probeerde, hoe meer Bill door het lint leek te gaan. Hij sloeg om zich heen iedere keer dat Bushido zijn wang wilde strelen of hem vast wilde houden, continu schreeuwend. Het duurde niet lang voordat Bushido zich besefte dat zijn aanpak niet werkte en dat hij moest overstappen op een ander plan. Als Bill niet gauw rustig werd, zouden er mensen op zijn geschreeuw afkomen – dat zou zijn plannen ruineren. Bill mocht geen one-night-stand worden.
Hij verstrengelde zijn vingers in Bills zwarte haren en trok ruw zijn hoofd achterover, zodat de tere huid van zijn hals ontbloot werd. Hij staakte zijn schreeuwen direct. Plotseling werd het doodstil om hen heen, afgezien van de echo’s van Bills kreten, welke weerklonken tegen de smetteloos witte muren. Het enige dat te horen was, was Bills jachtige ademhaling en even later de rauwe, dreigende stem van de man die zijn naakte lichaam moeiteloos in bedwang hield.
“Denk aan Tom, liefje,” zei hij duister. “Als je echt van hem houdt, zul je vast niet willen dat ik mijn pik in zijn kleine kontje ram.”
Met het horen van die zin leek alles in Bill te verstillen. De wervelstorm stopte, wat de gigantische draaikolk in zijn gedachten stop zette. Langzaam maar zeker begon de paniek te bezinken, naar de bodem, wat kristalachtig water overliet. Plotseling kon Bill weer helder denken. Direct besefte hij zich hoe stom het geweest was om tegen de volwassen man in te gaan – hij had Tom onnodig in gevaar gebracht. Hij sloot zijn ogen, proberend zijn nog altijd jachtige ademhaling onder controle te krijgen, doodsbang dat Bushido Tom iets aan zou doen.
“Laat me gaan,” smeekte hij, tranen opwellend in zijn ronde, bruine ogen. Hij verstrengelde zijn blik met die van Bushido, wiens hart direct smolt. Bill was zo klein en zo kwetsbaar, zo teer. De neiging hem te zoenen, zijn lichaam tegen dat van hem te drukken, zijn erectie te strelen, in hem te zijn – hij kon er bijna niet tegen vechten. Echter de wanhopige blik in de mooiste ogen die hij ooit gezien had, zette een rem op hem. Zoiets moois als Bill mocht enkel geliefkoosd worden. Hij had zo’n spijt van wat hij gedaan had, maar hij wist dat hij er niets aan kon doen. Zodra die stem in zijn hoofd het overnam, op het moment dat Bill hem wild maakte van verlangen, was hij zichzelf niet meer. Hij had geen idee wat hij dan wel was; het was in ieder geval onmenselijk. Het maakte hem bang en hij was kwaad op zichzelf om het feit dat hij Bill eveneens kennis had laten maken met die angst. Het stond vast dat hij hem zou laten gaan, maar hij had geen idee voor hoelang.
“Als je stil bent, laat ik je gaan,” fluisterde hij, zijn lippen strelend over Bills oorschelp, zijn bewustzijn dansend op de lijn tussen lust en liefde. “Beloof je me dat je stil zult zijn en dat deze nacht voor altijd tussen ons zal blijven?”
Bill knikte direct, zonder erover na te denken op hoeveel manieren die belofte te breken was. Het interesseerde hem op dat moment ook niet wat er zou gebeuren als hij zijn mond voorbij praatte – of ja, het interesseerde hem wel, maar hij dacht er niet bij na. Hij wilde enkel ontkomen aan Bushido’s aanrakingen, aan zijn geur, zijn aanwezigheid. Hij wilde vrij zijn en nooit meer denken aan wat er tussen hen voorgevallen was. Op dat moment was hij er nog van overtuigd dat dit de eerste en laatste keer geweest was.
Toen Bushido zijn lippen op die van hem drukte, schoot de adrenaline direct weer naar zijn hoofd. Het instinct te vechten dronk zich aan hem op, maar hij wist het te negeren, wetend dat hij zich niet moest verzetten: Bushido testte hem. Hij moest rustig blijven en Bushido geven wat hij verlangde – dat zou de sleutel naar zijn vrijheid zijn. Hij accepteerde het gevoel van Bushido’s naakte lichaam tegen dat van hem, gaf toe aan de druk van Bushido’s tong tegen zijn trillende lippen. De misselijkheid dreef langzaam naar boven, als een luchtbel in een glas water, maar hij onderdrukte alles dat hem onrustig zou kunnen maken. Hij sloot zijn ogen. Ondanks zijn walging kuste hij de rapper met alle liefde die hij in zich had. Hij vocht niet om dominantie, maar liet de rapper hem overmeesteren, precies zoals hij wenste. Bill zou alles doen om zijn broer te beschermen tegen het leed van de wereld. Alles.
Bill gaf gewillig toe aan alles wat Bushido’s tong met hem deed; iets dat de rapper een euforisch gevoel gaf. Hij kickte erop alle macht in handen te hebben. Tergend langzaam liet hij zijn grove handen over Bills zijdezachte huid glijden, van zijn kaaklijn via zijn hals naar zijn borst. Daar bleef het bij. Hij was zich zo bewust van Bills perfectie dat hij zichzelf dwong niet verder te gaan; die perfectie mocht niet het slachtoffer worden van zijn krankzinnige schizofrenie. Het was echter zo moeilijk om te stoppen. Bill was een drug voor hem. Het gevoel van zijn huid onder zijn tintelende vingertoppen, de zoete smaak van zijn lippen, de manier waarop hij zichzelf tegen Bushido bewoog – het was verslavend. Hij wist echter dat hij hem moest laten gaan – Bill verdiende het niet gevangen gehouden te worden. De wereld moest van zijn schoonheid genieten; zolang hij maar bij hem terug zou komen.
In zijn hoofd zette hij de knop om: hij verbrak de kus en trok zijn hoofd een stukje terug, zodat hij als verlamd naar de gestalte onder hem kon kijken. Zijn hart raasde in zijn keel van de lichamelijke inspanning; wat direct veranderde toen Bills vrede zijn netvlies bereikte. Hij had zijn ogen sereen gesloten en zijn lippen waren rood en gezwollen door de intense zoen. Zijn borstkas deinde op en neer als een witte zee die uitnodigde gestreeld te worden, maar Bushido wist zichzelf te beheersen. Zijn verlangen eiste bevredigd te worden, maar hij wilde zijn engel sparen. Bill was een paradijsvogel; fier en prachtig. Hij behoorde te vliegen.
Toen Bill timide zijn ogen opende en hem met onschuldige ogen aankeek, glimlachte hij liefdevol. Met zijn tong likte hij langs zijn lippen, zodat hij de zoete smaak van Bills mond kon proeven. Hij vond het geweldig om naar de jongen te kunnen kijken en ondanks dat zijn erectie hem eiste Bill te overmeesteren, deed hij het niet. De blik in zijn ogen maakte dat hij zich makkelijker kon beheersen dan ooit tevoren.
“Je kunt gaan,” zei hij zachtjes, vriendelijk, liefdevol. Het klonk misplaatst vredig, als een vlinder die rustig rondfladderde boven verlaten oorlogsgrond waarop de bloedsporen nog te zien waren.
Het duurde even voordat die woorden bij Bill doordrongen; het klonk zo onwerkelijk in zijn oren. Met grote ogen staarde hij naar de man tegenover hem, terwijl hij langzaam overeind kwam. Hij wist niet waarom, maar hij had het gevoel dat Bushido opnieuw een valstrik gezet had. Hij had zo vriendelijk geklonken, zo meegaand – Bill kon dat totaal niet rijmen met de kant van Bushido die hij die avond al twee keer eerder gezien had. Hij wilde niet opnieuw bedrogen worden.
“Het is oké,” herhaalde Bushido, vertederd bij het zien van Bills onzekerheid. “Je kunt gaan.”
Bushido keek toe hoe Bill snel van het bed opstond, hetzij nog altijd met een zweem van achterdocht. Bill wendde zijn blik steeds niet langer dan een seconde van de volwassen man af terwijl hij haastig zijn kleding bij elkaar zocht. Doodsbang kleedde hij zich aan, Bushido de gehele tijd in de gaten houdend vanuit zijn ooghoeken. Hij durfde niet te vertrouwen op de woorden die tegen hem gesproken waren. Al eerder had hij zich aan hem overgegeven en toen was zijn vertrouwen beschaamd – hij wilde niet dat dat hem nog een keer zou gebeuren. Hij was zich bewust van het feit dat het pistool nog altijd naast het bed lag – aan Bushido’s kant, wel te verstaan. Nog altijd was hij er niet zeker van of hij de kamer levend zou verlaten en dat maakte dat hij zich ondergedompeld waande in een bad ijskoude angst.
Zo snel mogelijk probeerde hij zich van zijn naaktheid te ontdoen, zijn lichaam aan het zicht van de rapper te onttrekken. Zijn handen trilden toen hij zijn riem vast probeerde te gespen – zodanig erg dat hij er na een volle minuut nog niet in geslaagd was. De tranen van paniek sprongen in zijn ogen en hij beet verwoed op zijn onderlip op ervoor te zorgen dat hij niet door het lint zou gaan door opgekropte frustratie.
Bushido voelde zich verschrikkelijk bij het zien van de blik in Bills ogen; verwarring, pijn, paniek, afgrijzen, schaamte, angst. Bill keek naar hem zoals hij naar een gevaarlijk wezen zou kijken en op dat moment realiseerde Bushido zich dat hij dat ook daadwerkelijk was. Hij was een beest. Hij kon zijn aardse verlangens niet beheersen zoals mensen dat konden en zodoende was hij niet meer dan een dier. Dat besef maakte hem in en in verdrietig. Toen hij zich probeerde voor te stellen wat Bill zou zien als hij naar hem zou kijken, sloeg hij getergd zijn ogen neer, wetend dat Bill nooit van hem zou kunnen houden.
Met een triest gevoel reikte hij naar de badjas die naast het bed over een stoel hing. Bills constante blik brandde in zijn rug – zelfs toen hij zichzelf bedekte met de zachte, witte stof. Hij kon zijn tranen bijna niet bedwingen, maar bleef sterk omdat hij niet wilde dat Bill zijn zwakte zou zien. Hij keerde Bill zijn rug toe en ging op de rand van het bed zitten, zijn voeten plat op de grond en zijn hoofd nederig gebogen. Hij hoopte dat Bill hem ooit zou kunnen vergeven, maar wist tegelijkertijd dat dat nooit zou gebeuren. Hij wenste dat hij onder woorden kon brengen wat hij voor hem voelde, maar dat was simpelweg niet te doen. Wat hij voor Bill voelde, ging verder dan alle aardse begrippen die er bestonden. Hij kon het hem simpelweg niet vertellen en de wetenschap dat Bill nooit zou weten hoeveel hij van hem hield, raakte hem meer dan al het leed van de wereld bij elkaar.
Via de grote spiegel aan de muur keek Bill naar de ineengedoken figuur op bed, hem in de gaten houdend. Tegelijkertijd bekeek hij zichzelf. Hij zag er verschrikkelijk uit. Zijn gezicht was vlekkerig door het vele huilen, zijn oogwit was bloedrood. De blik in zijn ogen was er één van iemand die hij niet herkende. Hij keek verward, met grote en verbaasde ogen, zijn pupillen schrikachtig wijd. Aan zijn wimpers kleefden ongehuilde tranen, sprankelend als de persoon die hij ooit geweest was.
Bushido durfde pas weer op te kijken toen hij hoorde dat Bill niet meer bewoog. Langzaam keerde hij zijn hoofd om, angstig voor de blik die zich met die van hem zou verstrengelen zogauw hij Bill in het oog zou krijgen. Hij was verrast te zien dat de jongen niet meer naar hem, maar naar zichzelf keek. Hij werd diep geraakt door de schoonheid van dat beeld; Bill staarde zichzelf aan, gebiologeerd, zijn lippen niet volledig op elkaar, zich compleet onbewust van wat er om hem heen gebeurde. Zijn ene hand streek door zijn verwarde haar in een poging het plat te maken, de ander lag op het koele oppervlak van de spiegel, alsof hij zijn vingers wilde verstrengelen met die van zijn spiegelbeeld. Bushido had het gevoel dat hij uiteen gescheurd werd door spijt en schuldgevoel, zo verschrikkelijk mooi was het beeld op zijn netvlies. Hij had Bills puurheid nooit tot zich mogen nemen. Nooit.
“Je bent prachtig,” bracht hij uit, meer in zichzelf dan dat hij tegen Bill sprak, maar net luid genoeg zodat deze het alsnog kon horen. De jongen zweeg, maar het was overduidelijk dat hij hem verstaan had. Toen hun blikken elkaar door de spiegel kruisten, zag Bushido hoe een eenzame traan de vrijheid verkozen had en zwijgend over zijn zachte wang naar beneden rolde, over zijn kaaklijn, tot hij vervolgens naar beneden viel en kapot spatte op de vloer, precies zoals Bills hoop dat had gedaan.
De zanger verbrak het oogcontact en liep haastig naar de deur, terwijl meer tranen hun weg naar buiten vochten. Een leeg gevoel strekte zich uit binnenin hem, als een gigantisch niemandsland waar hij voor eeuwig in zou moeten zien te overleven. Hij wist dat het nooit meer zou verdwijnen.
De klik van het slot klonk als een gebed in zijn oren, het naar beneden duwen van de deurklink voelde als het drinken van een koel glas water na een dag vol zinderende warmte. Hij was al verdwenen voordat Bushido het zich eenmaal kon beseffen, zoals de wind die door de kieren van de ramen glipt; hij had hem niet eens meer op het hart kunnen drukken hun nacht geheim te houden. Een triestige glimlach sierde zijn verdrietige gezicht echter toen hij zich realiseerde dat dat ook niet nodig zou zijn geweest.
Bill zou het niet vergeten.
Achteraf gezien had Bill geen idee meer hoe hij was teruggekomen in zijn hotelkamer. Zodra hij Bushido’s deur achter zich gesloten had, had zijn bewustzijn zichzelf afgesloten van de buitenwereld. Hij had geen idee of hij verdwaald was geraakt, kon zich niet herinneren of hij had moeten huilen of niet, wist niet meer of hij mensen gezien had en had bovendien geen idee of er mensen waren die hem gezien hadden. Voor zijn gevoel was hij door een wolk van mist gelopen, parelende waterdruppeltjes op zijn voorhoofd achterlatend, en had hij gevoelsmatig zijn weg teruggevonden. Pas toen hij de veiligheid van zijn eigen kamer betreden had, had zijn lichaam het vluchtmechanisme uitgeschakeld: de mist trok op en bracht daarmee wolken van besef die het weke zonlicht aan het zicht onttrokken.
Zo gauw hij de deur gesloten had, was hij zonder zijn kleren uit te trekken naar de badkamer gelopen, de tranen over zijn wangen stromend, onophoudelijk, als watervallen die heviger leken te stromen dan ooit door de regen die de wolken van besef met zich meebrachten. Hij was onder de douche gestapt en had iedere vezel van Bushido’s lichaam van het zijne gewassen. Het water was gloeiend heet geweest, maar hij had er niets van gevoeld – of misschien had hij dat toch wel. Misschien deed hij het expres, zodat de pijn die op zijn huid neer regende alle andere pijn zou overspoelen. Het warme water had zich vermengd met zijn zoute tranen en had alles wat nog van de rapper restte van zijn huid verschroeid. Daarna was hij met zijn natte kleding plakkend aan zijn huid op zijn bed gaan liggen, zijn lichaam vermoeid, zijn geest beschaamd en zijn ziel gebroken.
De volgende morgen werd hij wakker met het gevoel alsof hij niet geslapen had. Zijn lichaam deed vreselijk veel zeer en voelde alsof het bedekt was met blauwe plekken en sneeën, alsof hij een nacht lang gemarteld was. Zijn spieren schreeuwden het uit van de pijn op het moment dat hij probeerde overeind te komen en zijn huid brandde als woestijnzand door de hete douche van de vorige nacht. De pijn in zijn onderlichaam was te hevig om te kunnen bewegen. Hij sloot zijn ogen en wachtte tot het minder zou worden, maar dat gebeurde niet. In plaats daarvan kwamen de herinneringen aan de vorige avond terug, als een koude douche op hem neer regenend. Hij kneep zijn ogen toe bij de herinnering aan het pistool in zijn hals, aan hoe Bushido hem bedreigd had Tom voor zijn ogen te verkrachten wanneer hij zich zou verzetten, aan de pijnen die hij hem had laten doorstaan. Hij voelde zich een wrak en wilde het liefst de hele dag in bed blijven liggen, wachtend tot hij zich beter zou voelen, maar hij wist dat dat niet zou gebeuren; hij zou deze nacht voor eeuwig bij zich dragen. Bovendien had hij die dag werk te doen: er stond ‘s morgens een interview op het programma en ‘s avonds werden ze verwacht bij een televisieshow waarbij ze een optreden moesten geven. Hij voelde hoe de tranen achter zijn ogen begonnen te branden bij dat vooruitzicht, bang dat heel Duitsland aan hem kon zien wat Bushido met hem gedaan had.
Hij kon het niet.
Toen er op de deur geklopt werd, besefte hij zich plotseling dat dat hetgeen was dat hem uit zijn onrustige slaap gewekt had. Hij schoot meteen overeind, geschrokken, en kreeg direct spijt toen een pijnscheut zijn tengere lichaam uit elkaar leek te scheuren. De pijn flitste door alle spieren die hij bezat; eveneens door zijn hart. Hij voelde zich plotseling verschrikkelijk verraden en beschaamd; datgene dat hij voor iemand had willen bewaren van wie hij echt hield, was hem afgenomen door een man die hem slechts als een lustobject beschouwd had. Op dat moment had hij het gevoel dat zijn lichaam kapot zou gaan aan wat Bushido hem had aangedaan, dat zijn geest in duizenden stukjes zou breken en dat hij zou sterven zonder dat iemand ooit zou weten wat hem overkomen was.
“Bill? Bill, ben je daar?”
Bij het horen van Toms stem, namen Bills gedachten een sprint terug in de tijd. Hij kon Bushido’s donkere stem nog horen als hij eraan dacht, hoe hij hem op het hart gedrukt had te zwijgen over alles wat er in kamer 275 gebeurd was en hoe hij gedreigd had zijn broer in zijn plaats te nemen. Zijn gedachten begonnen plotseling op volle toeren te werken. Tom stond nietsvermoedend op de gang en mocht niets doorhebben terwijl Bill amper kon lopen van de pijn; hij had geen idee hoe hij zichzelf uit deze situatie kon redden. Razendsnel probeerde Bill iets te denken, de pijn die nog altijd in zijn spieren zinderde nu ook zoemend in zijn overvolle hoofd.
“Ik kom eraan!” riep hij uit, zijn stem hol en overslaand door de toenemende spanning in zijn lichaam. Hij schold tegen zichzelf, binnenmonds, terwijl hij de opkomende tranen van angst weg probeerde te knipperen. Tom mocht niets aan hem zien, niets ongewoons, of ze zouden samen het slachtoffer worden van Bushido’s harteloze lust. Hij ging op de rand van het bed zitten en verborg zijn hoofd in zijn handen, ademde diep in en uit, proberend zijn bonkende hartslag en jachtige ademhaling onder controle te krijgen, vechtend tegen de chaos in zijn hoofd. Op zijn netvlies stonden Bushido’s ogen gebrand, duister en kil, hem gebiedend niets tegen zijn broer te zeggen. Het feit dat hij zich daarmee herinnerde wat de rapper allemaal met Tom kon doen zodra hij zijn mond voorbij zou praten, maakte dat hij alleen nog maar meer in paniek raakte.
Tom mocht niets aan hem zien, niets aan hem vragen, zodat hij niet hoefde te liegen. Hij kon niet liegen tegen zijn broer.
Toen hij zichzelf rustig genoeg achtte, stond hij op en liep hij naar de deur toe, mank door de pijn in zijn onderlichaam. Met iedere stap die hij zette, schoot de pijn door zijn ruggengraat, gelukkig al iets minder hevig dan eerder. Centimeter voor centimeter sleepte hij zichzelf vooruit, zijn blik gericht op zijn doel. Hij voelde hoe zijn hartslag zich met iedere seconde opnieuw versnelde van spanning, bonkend als Toms vuist op de gesloten deur.
Op het moment dat hij de deur opende en zijn blik in die van Tom verstrengeld raakte, stopte zijn hart even met kloppen. Toms bruine ogen sprankelden vrolijk; of eigenlijk was alles aan hem vrolijk. Nog nooit hadden de jongens zo van elkaar verschild als op dat moment. Bills emotionele toestand was zodanig slecht dat hij direct voelde hoe de oude, verdrongen tranen opnieuw achter zijn ogen begonnen te branden – uit jaloezie of simpelweg omdat hij zo blij was dat Tom niet hetzelfde had moeten doorstaan als hij; hij wist het niet. Plotseling besefte hij zich hoeveel hij hield van de jongen die daar stond, met zijn pet, dreads en gekke kleding en bovenal hoezeer hij wilde dat hij die zweem van onschuld die over hem heen hing voor eeuwig bij hem zou dragen. Hij was zijn broer, zijn wederhelft, zijn soulmate. Hij hield meer van hem dan hij ooit van iemand anders zou kunnen houden.
Hij knipperde zijn tranen weg, precies op dezelfde manier als waarop hij alles wat hij op dat moment voelde probeerde te onderdrukken.
“Hé,” begroette Tom hem glimlachend. “Ik vroeg me af – ehm. Kom je mee ontbijten?”
Het geluid van zijn stem raakte Bill diep in zijn hart. Het klonk prachtig, als de krekelgeluiden bij zonsondergang, als het knetteren van een haardvuur wanneer het buiten sneeuwt of als het fluiten van de vogels bij het aanbreken van de dag. Toms stem leek een mengeling van dat alles te zijn: in de ondertoon het zoemen van de krekelzang, met de warmte van dansende vlammen in de kou en de vrolijke klanken van de vogels bij zonsopkomst. Het klonk zo hemels vertrouwd dat het Bill bijna deed vergeten hoe hij moest spreken. Bijna.
“Nee,” antwoordde hij zachtjes en beheerst om iedere vorm van paniek in zijn stem te verbergen. “Ik heb geen honger, sorry.”
Tom trok een verbaasd gezicht toen Bill dat zei, maar het was desalniettemin waar. De misselijkheid van de vorige avond rustte nog steeds in zijn buik en hij wist dat hij alles wat hij zou eten, er direct weer uit zou gooien. Hij wilde geen argwaan wekken. Het was beter om een warm bad te nemen om zijn spieren te ontspannen en net zolang voor de spiegel te staan totdat hij er zeker van was dat niemand aan hem zou kunnen zien dat hij misbruikt was. Nooit meer wilde hij terugdenken aan de afgelopen nacht. Nooit meer.
“Oh,” antwoordde Tom simpelweg. “Nou, ik neem wel iets voor je mee van het buffet dan, dan kun je misschien onderweg nog iets eten.”
Bill glimlachte vertederd om de zorgzaamheid van zijn broer. Hij moest zijn lippen op elkaar drukken om niet in huilen uit te barsten. Op dat moment zou hij zijn broer zo graag vastgehouden hebben, om zijn warmte om hem heen te voelen terwijl hij zijn opgekropte tranen de vrije loop liet, maar het kon niet. Hij zou zichzelf verdacht maken wanneer hij dat zou doen en dat moest hij zien te voorkomen. Tom mocht niet in Bushido’s handen vallen – niet zolang hij het kon voorkomen.
“Dankjewel,” bracht Bill uit, zijn stem min of meer gebroken. Hij registreerde de bezorgde blik in Toms ogen, die observerende blik waarmee hij Bill altijd bekeek als hij het gevoel had dat er iets fout zat. Bill wenste dat hij niet zo godvergeten doorzichtig was. Hij had het altijd prettig gevonden om een open boek voor Tom te zijn, want hij vond het moeilijk om over dingen zoals gevoelens of seks te praten en bij zijn broer was dat ook niet nodig; simpelweg omdat ze elkaar zonder woorden begrepen. In dit geval werkte het echter in zijn nadeel. Hij moest zich volledig zien af te sluiten van zijn wederhelft, wat gezien zijn emotionele toestand vrij moeilijk ging.
“Gaat het wel goed met je?” vroeg Tom, precies zoals Bill verwacht had dat hij zou doen. Hij kende zijn broer als geen ander. “Je ziet zo bleek, Bill, eet je wel genoeg? Wil je dat ik even binnenkom? Dan kunnen we er misschien over-”
“Er is niets aan de hand,” onderbrak Bill hem met de meest zelfverzekerde glimlach waar hij zich op dat moment toe kon dwingen. “Ik heb gewoon een beetje teveel gedronken gisterennacht en daardoor heb ik – nou ja. Niets om je druk over te maken, Tom, echt niet. Ik zweer het. Alles is oké.”
Alles is oké.